Kan herzieningstermijn van 15 jaar ook voor verbouwing?

btw op gebouwen
07/12/24

In België wordt de BTW-herzieningstermijn van 15 jaar niet toegestaan voor verbouwingen, alleen voor nieuwbouw of een aankoop. Voor renovaties moeten BTW-plichtigen zich tevreden stellen met de termijn van 5 jaar. Het Hof van Justitie lijkt daar een probleem mee te hebben. Het criterium voor vergelijkbaarheid is de economische levensduur.

Een BTW-herziening houdt in dat men een herziening toepast van de BTW die men in het verleden te veel of te weinig heeft afgetrokken met betrekking tot bedrijfsmiddelen (investeringsgoederen). Dat laatste (te weinig aftrek) kan bijvoorbeeld het geval zijn als een bepaalde activiteit eerst vrijgesteld is van BTW en dan op een bepaald moment aan BTW onderworpen wordt. Er is dan in het verleden geen BTW-aftrek toegepast voor bedrijfsmiddelen die men nu nog steeds gebruikt voor de intussen aan de BTW onderworpen activiteit.

Standaard beschikt men in dergelijk geval over een termijn van 5 jaar vanaf de ingebruikname waarin men (vanaf de onderwerping aan BTW) jaarlijks 1/5 van de indertijd niet afgetrokken BTW alsnog kan aftrekken. In bepaalde gevallen kan ook een herzieningstermijn van 15 jaar toegepast worden, met een corresponderende jaarlijkse aftrek van 1/15.

Fiscus past termijn van 5 jaar toe

Concreet was die kwestie aan de orde voor een advocatenvennootschap. Op 1 januari 2014 verdween de algemene BTW-vrijstelling voor advocaten. Zij waren vanaf dan dus onderworpen aan BTW. De vennootschap had in de periode van 2007 tot 2012 omvangrijke verbouwingswerken laten uitvoeren aan een gebouw dat gebruikt werd als kantoor en als privéwoning voor de bedrijfsleider. Aangezien de betreffende BTW op dat moment logischerwijze nog niet in aftrek gebracht was, paste de vennootschap vanaf 2014 jaarlijkse herzieningen toe. Ze ging daarbij uit van een herzieningstermijn van 15 jaar. Maar bij een controle in een van de volgende jaren maakte de fiscus een einde aan de herzieningen. Volgens de fiscus was slechts een herzieningstermijn van 5 jaar van toepassing op de verbouwingswerken, en die termijn was intussen al verstreken.

De BTW-plichtige liet het daar echter niet bij en bracht de zaak uiteindelijk tot voor het Europese Hof van Justitie. En dat Hof treedt de argumenten van de advocatenvennootschap bij.

Neutraliteit

Het principe van de neutraliteit van de BTW impliceert dat handelingen die dezelfde kenmerken en gevolgen hebben, op dezelfde manier behandeld worden. Indien een ingrijpende verbouwing hetzelfde gevolg heeft als een nieuwbouw, dan moeten beide dus dezelfde BTW-behandeling krijgen. “Hetzelfde gevolg” wil hier hoofdzakelijk zeggen volgens het Hof: een vergelijkbare economische levensduur. Daarbij speelt ook mee dat de werken bijna 2 miljoen euro gekost hebben en dus ingrijpend waren. Het gebouw werd trouwens uitgebreid. Voor de werken werd bovendien een afschrijvingstermijn van 33 jaar gehanteerd. Het Hof voegt er nog aan toe dat die gelijkstelling ook geldt voor handelingen (zoals bouwwerken) die voor de BTW te beschouwen zijn als diensten en niet als een levering van goederen.

Overigens bestaat in België volgens de algemene BTW-regels al de mogelijkheid om een ingrijpend gerenoveerd gebouw gelijk te stellen met een nieuw gebouw (o.m. wezenlijke aanpassing van de structuur, kosten die oplopen tot 60% van de waarde van het gebouw). Maar blijkbaar vindt het Hof die criteria nog te streng als het gaat om de herzieningstermijn.

Rechtstreeke werking

De discussie is daarmee nog niet definitief beslecht. Het is nu aan het Hof van Beroep van Gent, dat de prejudiciële vraag gesteld heeft aan het Hof van Justitie, om een eindoordeel te vellen. En daarna is het ook nog lang niet zeker wat de fiscus gaat doen met het Gentse arrest.

Eén belangrijk praktisch gevolg is er nochtans wel: het Hof van Justitie bevestigt dat de BTW-plichtige zich op dit punt rechtstreeks kan beroepen op de BTW-richtlijn. Dat wil in principe zeggen dat een BTW-plichtige die zich in een vergelijkbare positie bevindt als de bewuste advocatenvennootschap, onmiddellijk de 15-jarige herzieningstermijn kan toepassen, zonder te wachten op het Gentse arrest of een nieuw standpunt van de fiscus.

Bron: arrest van het Hof van Justitie van 12 september 2023, nr. C-243/23