nlfren
PRINT
SITEMAP | DISCLAIMER
Présentation   Domaines d'activités   Lawyers   Coordonnées   Nouvelles   Jobs  
Bijzondere liquidatiereserve: aangifteformulieren gepubliceerd NU DE DEADLINE NADERT
 
Sinds de laatste programmawet kennen we naast de “gewone” liquidatiereserve ook de “bijzondere” liquidatiereserve. Die is bedoeld om ook met de winsten van aanslagjaar 2013 en 2014 een liquidatiereserve aan te kunnen leggen. Tot nu toe vielen die uit de boot, omdat ze net te laat kwamen voor de “vastklikregeling” die in 2013 en 2014 toegepast mocht worden maar ook te vroeg kwamen om al gebruikt te kunnen worden onder het regime van de “gewone” liquidatiereserve vanaf aanslagjaar 2015 (zie ons artikel “Liquidatiereserve krijgt ruimere toepassing”).

Ter herinnering: het aanleggen van een liquidatiereserve (gewone of bijzondere) biedt de kans om te ontsnappen aan de liquidatieheffing van 25% op het einde van de rit, door nu 10% te betalen. Wie bereid is vijf jaar te wachten, ontsnapt zelfs bij een gewone dividenduitkering aan het tarief van 25%. Men betaalt dan bij uitkering slechts 5% (naast de 10% bij het aanleggen van de reserve).

Bijzondere aanslag van 10%

Die heffing van 10% wordt bij de aanleg van een “gewone” liquidatiereserve ingekohierd samen met de vennootschapsbelasting. Voor de “bijzondere” liquidatiereserve daarentegen is de heffing afzonderlijk te betalen - de fiscus spreekt van de bijzondere aanslag op de liquidatiereserve - en moet er ook een afzonderlijke aangifte gebeuren.

Voor een bijzondere liquidatiereserve die betreking heeft op aanslagjaar 2013, rest er niet veel tijd meer. De bijzondere aanslag van 10% moet betaald zijn tegen 30 november 2015. Ten laatste op de dag van de betaling moet ook de aangifte ingediend worden.

275A

Daarom zijn nu de aangifteformulieren verschenen in het Staatsblad. Officieel dragen ze de naam “formulier 275A-Bijz.” (275A kortweg is bestemd voor de gewone liquidatiereserve en is bij de aangifte vennootschapsbelasting te voegen). Voor de winst van het boekjaar dat verbonden is met aanslagjaar 2013 en met aanslagjaar 2014 is er telkens een afzonderlijk formulier (afgezien van de data verschillen die echter niet van mekaar). Voor de liquidatiereserve m.b.t. aanslagjaar 2014 verstrijkt de deadline pas op 30 november 2016.

Het aangifteformulier bevat drie vakken die van belang zijn. In het eerste moet de vennootschap geïdentificeerd worden aan de hand van het ondernemingsnummer, de rechtsvorm, de naam en het adres van de maatschappelijke zetel. In het volgende vak, voor de berekening van de bijzondere aanslag, moet de belastbare grondslag komen (het bedrag van de aangelegde liquidatiereserve) en het bedrag van de aanslag zelf (10%). Ten slotte moet de vennootschap bevestigen dat ze voldoet aan alle voorwaarden van artikel 15 van het Wetboek Vennootschappen voor het boekjaar dat is verbonden met aanslagjaar 2013 (of 2014). Want het regime van de bijzondere liquidatiereserve staat alleen open voor kleine vennootschappen.

Aangifte elektronisch of op papier

De aangifte kan elektronisch ingediend worden via Rv-on-web. Indiening op papier is ook mogelijk. Dan moet men het formulier downloaden van de website www.myminfin.be (onder “formulieren”) en opsturen naar het Inningscentrum roerende voorheffing in Brussel. Op het rekeningnummer van dat inningscentrum moet de bijzondere aanslag ook betaald worden. Alle gegevens staan op het formulier zelf.

Bron: Koninklijk Besluit van 18 september 2015, Staatsblad van 25 september 2015, p. 60077 (www.staatsblad.be).



10-02-20 Nieuwe antimisbruikbepaling: fiscus krijgt opnieuw ongelijk
In een tweede arrest over het herschreven artikel 344, §1 van het WIB 1992 komt het Hof van Beroep tot dezelfde conclusie als in zijn eerste arrest: de fiscus kan de algemene antimisbruikbepaling niet toepassen. Meer bepaald verschilt het Hof van mening met de fiscus over de inwerkingtreding van de nieuwe bepaling in de situatie waarin het misbruik bestaat uit een samenhangend geheel van handelingen.....lire la suite
 
10-02-20 Nieuwe regels voor BTW-herzieningen, niet alleen bij onroerende verhuur
Sinds 1 januari 2019 kan men ervoor kiezen om onroerende verhuur aan BTW te onderwerpen. Dat bracht tevens grote wijzigingen aan de BTW-herzieningsregels met zich mee. Maar op het uitvoeringsbesluit was het wachten tot midden 2019. En de uitvoerige circulaire over de nieuwe regels is pas nu verschenen. De fiscus heeft maar liefst 27 blz. nodig om de regeling uit de doeken te doen. We geven een overzicht van de belangrijkste nieuwigheden.....lire la suite
 
26-01-20 “Cash for car”-systeem is ongrondwettelijk
Het Grondwettelijk Hof vernietigt de regeling van de mobiliteitsvergoeding, gemeenzaam gekend onder de benaming “cash for car”. De regeling bood werknemers met een bedrijfswagen de kans om afstand te doen van dat voordeel zonder een fiscaal nadeel te lijden. Maar het Grondwettelijk Hof struikelt over de discriminatie die ontstaat doordat de vergoeding fiscaal en sociaal veel gunstiger behandeld wordt dan een gewoon loon. Voorlopig mag het systeem echter blijven bestaan.....lire la suite
 
20-01-20 Hervorming Vlaamse erfbelasting op komst
Successieplanning zal binnenkort wellicht anders georganiseerd worden. De Vlaamse regering kondigt namelijk drie ingrepen in de erfbelasting aan. Het systeem van het duolegaat wordt grondig hervormd. Daarnaast maakt de “vriendenerfenis” zijn opwachting. En het registreren van schenkingen wordt aangemoedigd door de kans te verhogen dat er later erfbelasting betaald moet worden op niet-geregistreerde schenkingen.....lire la suite