nlfren
PRINT
SITEMAP | DISCLAIMER
Présentation   Domaines d'activités   Lawyers   Coordonnées   Nouvelles   Jobs  
Tax shelter in nieuw kleedje sinds 1 januari 2015
 
De tax shelter - een belastingmaatregel ten voordele van films en TV-reeksen - wordt in een nieuw kleedje gestoken. De nieuwe wetgeving is al een tijdje geleden gepubliceerd (Wet van 12 mei 2014, Staatsblad van 27 mei 2014), maar is pas op 1 januari 2015 in werking getreden omdat het nog wachten was op de formele instemming van Europa. Bedoeling was vooral om bepaalde misbruiken te vermijden. Daarom wordt effectieve toepassing van het belastingvoordeel nu afhankelijk gemaakt van het verkrijgen van een attest. Dat wordt afgeleverd door een speciaal team binnen de belastingadministratie, dat nagaat of aan alle voorwaarden voldaan is. Productievennootschappen en eventuele tussenpersonen moeten nu ook een speciale erkenning hebben. Bedoeling is dat het geld van de investeerder ook echt ten goede komt aan de productievennootschap die de film maakt. Tegelijk krijgt de investeerder geen rechten meer in de productie, zodat zijn rendement minder afhangt van het onzekere succes van de film. Het rendement bestaat, afgezien van een interestvergoeding, alleen nog uit het belastingvoordeel zelf.

Dat belastingvoordeel wordt nu ook anders berekend. De belastbare winst van de investeerder wordt vrijgesteld ten belope van 310% van het bedrag dat hij in de film (of andere audiovisuele productie) geïnvesteerd heeft. Als we uitgaan van een belastingtarief van 33,99% in de vennootschapsbelasting, levert dat een effectief voordeel op van 105,4% van het bedrag van de investering. Anders gezegd: voor elke geïnvesteerde euro krijgt men er 1,054 terug - een rendement van 5,4% dus, vergelijkbaar met de oude regeling. Het is wel mogelijk dat uit het uitgereikte attest blijkt dat een deel van de investering niet voldoet aan de voorwaarden en dus geen recht geeft op het belastingvoordeel. Dat zou kunnen gebeuren bijvoorbeeld omdat de productievennootschap een onvoldoende deel van het geld rechtstreeks in de productie of in België geïnvesteerd heeft. Bovendien blijven er kwantitatieve beperkingen. Het vrijgestelde deel van de winst mag maximaal 50% van de belastbare gereserveerde winst van het belastbare tijdperk bedragen, zoals voorheen (overdracht van het saldo naar het volgende jaar is wel mogelijk). En er blijft een absoluut plafond van 750.000 euro.

Bron: Koninklijk Besluit van 19 december 2014, Staatsblad van 31 december 2014



07-01-20 Grijpt het arrest Fortum terug naar de theorie van de economische werkelijkheid?
De feiten kort samengevat: Fortum Project Finance (hierna: Fortum PF) is een Belgische vennootschap, in 2008 opgericht door Fortum OYI, een Finse vennootschap, en Fortum Holding bv, een Nederlandse vennootschap.....lire la suite
 
06-01-20 Autofiscaliteit: wat is er nieuw op 1 januari?
Inzake autofiscaliteit brengt het nieuwe jaar weinig goed nieuws. De laatste fase van de hervorming van de vennootschapsbelasting treedt in werking. En die bevat verschillende maatregelen die de aftrek van autokosten (nog verder) beperken. Sommigen ontspringen wel de dans.....lire la suite
 
02-12-19 Fiscus scoort overwinning in discussie over visitaties
De vraag hoe ver de fiscus mag gaan bij een controle ter plaatse, leidt al jaren tot verhitte debatten. De laatste jaren spitst de discussie zich meer en meer toe op digitale gegevens. Mag de fiscus zomaar alle data op de computer van de belastingplichtige bekijken? Of zelfs kopiëren? Het Hof van Beroep te Brussel heeft daar blijkbaar weinig moeite mee. En opmerkelijk genoeg gebeurt dat in een zaak waarin de rechtbank van eerste aanleg de fiscus nog teruggefloten had.....lire la suite
 
25-11-19 Forfaitaire voordelen van alle aard: en de werkelijkheid?
Dat er een wettelijk forfait bestaat om een voordeel in natura te waarderen, wil nog niet zeggen dat dit forfait dwingend van toepassing is. Als een belastingplichtige in ruil voor het voordeel een vergoeding betaalt die overeenstemt met de werkelijke waarde van het voordeel, dan is er geen sprake meer van een belastbaar voordeel, en blijft er dus ook niets meer over om te belasten. Ook al ligt de vergoeding lager dan het wettelijke forfait. Zo oordeelt het Hof van Beroep te Antwerpen. Als die conclusie veralgemeend zou kunnen worden, opent dit arrest veel mogelijkheden…....lire la suite