nlfren
PRINT
SITEMAP | DISCLAIMER
Présentation   Domaines d'activités   Lawyers   Coordonnées   Nouvelles   Jobs   Conditions générales  
Verzekering tot afdekking van een beding tot terugkeer : belastbaar, zegt VLABEL
 
In een recent standpunt neemt VLABEL andermaal een standpunt in dat afwijkt van het federale standpunt.

Afdekken van een beding van terugkeer

Wanneer een vader (A) een geldsom schenkt aan zijn zoon (B), kan hij deze schenking moduleren door een beding van terugkeer te voorzien. Indien de zoon (B) overlijdt vóór de schenker (A), keren de geschonken goederen krachtens de schenkingsovereenkomst dan automatisch terug naar de schenker.

De schenker verlangt vaak enige zekerheid dat de geldsom niet wordt verteerd tijdens zijn leven; een aangewezen manier kan een verzekering zijn. Zoon B sluit een (beleggings)verzekering (vb. TAK 21) op zijn eigen hoofd (B) met als begunstigde vader A, die aanvaardt. Als premie wordt het geschonken geld aangewend.

Op die manier zitten die gelden geblokkeerd in de polis (via de “aanvaardende begunstiging”). Indien B overlijdt vóór zijn vader, dan keert de verzekeringsmaatschappij het kapitaal uit aan de vader, net wat de partijen bij de schenking hadden gewenst.

Successierecht verschuldigd ?

In 2007 heeft de federale belastingadministratie (toen nog qua successierechten bevoegd voor heel het land) omtrent deze werkwijze een positief standpunt ingenomen.

Artikel 8, eerste lid  W. Succ. (federaal) luidt als volgt :

"Worden geacht als legaat te zijn verkregen, de sommen, renten of waarden die een persoon geroepen is kosteloos te ontvangen, bij het overlijden van de overledene, ingevolge een contract bevattende een door de overledene of door een derde ten behoeve van de verkrijger gemaakt beding.”

Indien de overledene (in ons voorbeeld B) een levensverzekeringscontract had gesloten waardoor bij zijn overlijden kosteloos een uitkering wordt gedaan aan een begunstigde (A), dan is op die uitkering successierecht verschuldigd. Het begrip “kosteloos” betekent hier dat de begunstigde zelf geen enkele tegenprestatie heeft geleverd om de uitkering te mogen ontvangen; als de begunstigde de uitkering ontvangt als tegenprestatie voor een eigen prestatie, dan is die uitkering dus niet belastbaar.

Federaal standpunt in 2007 : geen successierecht verschuldigd

Onder nummer RJ/S 8/30-01 legt de federale belastingadministratie de verzekering tot afdekking van een terugkeerbeding uit als een handeling onder bezwarende titel. De uitkering is niet kosteloos, en bijgevolg niet aan het successierecht onderworpen. Dit standpunt is ook niet meer dan logisch: de verzekering werd uitsluitend gesloten om aan vader A de garantie te geven dat de contractuele terugkeer ook daadwerkelijk gewaarborgd zou worden. Het gaat hem dus niet om een “bevoordeling” van vader door de zoon, maar om een garantie van een verplichting.

En net daarom is de uitkering volgens de federale administratie niet belastbaar.

Maar in Vlaanderen : belasting !

Het nieuwe Vlaamse standpunt maakt komaf met deze federale zienswijze. Nochtans is de actuele Vlaamse wettekst quasi identiek aan de oude federale. Artikel 2.7.1.0.6 §1 van de Vlaamse Codex Fiscaliteit (VCF) luidt als volgt :

“De sommen, renten of waarden die kosteloos aan een persoon kunnen toekomen bij het overlijden van de erflater, ingevolge een contract dat een door de erflater of door een derde in het voordeel van die persoon gemaakt beding bevat, worden geacht als legaat te zijn verkregen door die persoon.”

Met één pennenstreek wordt het federale standpunt verlaten en wordt, zonder verdere uitleg, gesteld dat de uitkering aan vader wel degelijk belastbaar is. VLABEL stelt :

“Indien de begiftigde de schenker van de geldsom als begunstigde had aangeduid, met zichzelf als verzekerd hoofd, is art. 2.7.1.0.6 VCF van toepassing in de nalatenschap van de begiftigde, vermits er een kapitaal wordt uitgekeerd op grond van een beding dat de overledene ten behoeve van de begunstigde had gemaakt.”

Over het al dan niet kosteloze karakter van deze uitkering wordt met geen woord gerept. Er wordt niet verteld waarom het federale standpunt niet gevolgd wordt.

Wie zich destijds door het duidelijke federale standpunt had laten leiden is eraan voor de moeite. 

De nieuwe Vlaamse Belastingdienst distantieert zich nogmaals van een correct standpunt van de federale administratie (zie ook link naar geschonken verzekering...).

De Vlaamse Fiscale Codex werd aangekondigd als een hertaling van het wetboek successierechten.

Na de taalwijzigingen lijkt VLABEL blijkbaar het wetboek welhaast te herschrijven, zonder het parlement hierin te kennen, zonder uitleg en zonder enige overgangsmaatregelen.

Bent u partij bij een dergelijke polis ?

Indien U zelf zo'n polis gebruikt hebt bij uw vermogensplanning raden we u aan uw planning even onder de loep te leggen; mits nazicht van de polis kunt U de situatie bijsturen.

Bron : standpunt nummer 15142 van 26 oktober 2015 (gepubliceerd op 10 november)



04-07-19 Fiscus mag privéwoning betreden, maar krijgt geen vrijbrief van Grondwettelijk Hof
De controles van de fiscus ter plaatse, de zogenaamde fiscale visitaties, blijven controverse oproepen. Concreet rees de vraag of de bestaande procedure die de fiscus moet volgen om toegang te krijgen tot de privéwoning van de belastingplichtige, voldoende waarborgen biedt ter bescherming van fundamentele rechten zoals de privacy. Het Grondwettelijk Hof ziet geen echte problemen maar eist wel betekenisvolle waarborgen.....lire la suite
 
19-06-19 Onroerende verhuur met BTW: fiscus geeft nuttige verduidelijkingen
Sinds 1 januari 2019 is het mogelijk om – optioneel – een gebouw te verhuren mét BTW. Dat betekent dus dat de BTW op de kosten voor dat gebouw aftrekbaar wordt. Er zijn echter allerlei voorwaarden en speciale regimes, wat de nieuwe optieregeling behoorlijk ingewikkeld maakt. De fiscus poogt nu enige klaarheid te scheppen met een “FAQ”, een lijst met antwoorden op vaak gestelde vragen.....lire la suite
 
19-06-19 Afzonderlijke belasting van vergoedingen na stopzetting: geen “normale beroepswerkzaamheid” meer nodig
Inzake afzonderlijke belasting van bepaalde achterstallen, opzeg- en compensatievergoedingen enz. keren we terug naar het gunstige regime van vóór 2013. De enge interpretatie door het Hof van Cassatie van het begrip “normale beroepswerkzaamheid” wordt naar de prullenmand verwezen door dat begrip uit de wet te schrappen. De oude interpretatie van de fiscus wordt in de wet ingeschreven.....lire la suite
 
14-06-19 Effectieve prestaties door managementvennootschap zijn niet vereist
Met de aftrek van vergoedingen die betaald worden aan een managementvennootschap, is er principieel geen enkel probleem, oordeelt het Hof van Cassatie. De fiscus gebruikt vaak het argument dat de vennootschap zelf geen effectieve managementprestaties levert. Dat doen de natuurlijke personen achter de vennootschap. Maar dat argument doet niet ter zake, aldus het Hof van Cassatie. ....lire la suite
 
site web par webalive