nlfren
PRINT
SITEMAP | DISCLAIMER
Présentation   Domaines d'activités   Lawyers   Coordonnées   Nouvelles   Jobs   Conditions générales  
Alle betalingen aan Luxemburg melden
 
Ook Luxemburg is nu officieel een belastingparadijs. Dat blijkt uit een nieuwe “zwarte lijst” die opgesteld is door de OESO. Die lijst heeft praktische gevolgen voor de aangifte in de vennootschapsbelasting. Alle betalingen aan een natuurlijke persoon of een rechtspersoon in een belastingparadijs moeten immers gemeld worden. Vanaf aanslagjaar 2015 is dat dus ook het geval voor Luxemburg.

Al sinds 2010 moet men in een bijlage bij de aangifte vennootschapsbelasting (en de aangifte niet-inwoners/vennootschappen) melding maken van alle betalingen aan een natuurlijke persoon of een rechtspersoon in een belastingparadijs (artikel 307, §1, derde lid WIB 1992). Van betalingen die niet gemeld worden, wordt de aftrek geweigerd. En zelfs als men wel meldt, wordt aftrek pas toegestaan als de vennootschap eerst bewijst dat het om “werkelijke en oprechte verrichtingen” gaat en dat er geen artificiële constructies in het spel zijn (artikel 198, 10° WIB 1992).

Twee criteria voor belastingparadijs

De term “belastingparadijs” staat niet letterlijk in de wet. Om precies te zijn, gaat het om twee categorieën landen of jurisdicties: 1) landen zonder of met een lage belasting en 2) landen die de OESO-standaard inzake uitwisseling van inlichtingen niet effectief of substantieel toepassen.

De landen die beantwoorden aan het eerste criterium, staan allemaal opgesomd in de wet (artikel 179 KB/WIB 1992). Op die lijst treffen we klassieke belastingparadijzen of vluchtlanden aan als Jersey, Monaco, Andorra, Dubai, de Bahama's, de Kaaimaneilanden...

Zwarte lijst OESO vond tot nu toe nog geen toepassing

Het tweede criterium bleef aanvankelijk echter zonder uitwerking. In 2009 had de OESO nochtans al een zwarte, grijze en witte lijst gepubliceerd met landen die respectievelijk niet, gedeeltelijk of volledig voldeden aan de OESO-normen over transparantie en uitwisseling van inlichtingen. België bleek toen trouwens, tot grote consternatie van het publiek, op de grijze lijst te prijken. Die lijsten hebben echter nooit fiscale gevolgen gehad. Ze waren bedoeld als aansporing om de wetgeving aan te passen en als startschot van een grootschalig onderzoek naar de concrete en effectieve transparantie in zowat alle landen ter wereld.

Dat onderzoek - de zogenaamde “peer review” door een “mondiaal forum” (global forum) in de schoot van de OESO ¬- is ondertussen afgerond voor een 50-tal landen. En dat vormde dan weer een aanleiding voor de OESO om een nieuwe zwarte lijst te publiceren.  Van die 50 landen voldoen er 44 aan de normen, volledig (zoals België) of gedeeltelijk maar voldoende. Vier landen voldoen echter in het geheel niet aan de OESO-normen: Luxemburg, Cyprus, de Seychellen en de Britse Maagdeneilanden.

De minister van Financiën bevestigt nu dat die nieuwe “zwarte lijst” fiscale gevolgen heeft en met name voor de meldingsplicht voor betalingen aan belastingparadijzen. Alle betalingen aan Luxemburg, Cyprus en de Seychellen zullen daarom gemeld moeten worden in de aangifte (voor de Maagdeneilanden was dat al het geval op basis van het eerste criterium). De verplichting geldt voor boekjaren die aanvangen op of na 1 december 2013, dus voor de meeste vennootschappen vanaf aanslagjaar 2015.

Heel jaar lang op zwarte lijst

Helemaal zeker is de meldplicht echter nog niet. De wet zegt immers dat het land in kwestie “gedurende het gehele belastbaar tijdperk waarin de betaling heeft plaatsgevonden”, op de zwarte lijst gestaan moet hebben. In theorie is het nog altijd mogelijk dat Luxemburg zijn wetgeving snel aanpast en de OESO ertoe kan bewegen het Groothertogdom nog vóór het einde van het jaar te schrappen van de zwarte lijst. In dat geval zal een melding niet nodig zijn.

Als melding wél verplicht wordt, dan zal dat een grote impact hebben. Alle betalingen moeten immers aangegeven worden. Het gaat dus niet alleen om financiële transacties die we traditioneel associëren met belastingparadijzen maar ook om alledaagse verrichtingen zoals betalingen voor gewone goederen of diensten. Bovendien tellen ook indirecte betalingen mee, d.w.z. betalingen door iemand anders maar voor rekening van de vennootschap. En de begunstigde hoeft zelfs niet effectief gevestigd te zijn in Luxemburg. Het volstaat dat het geld gestort wordt op een Luxemburgse rekening.

Bron: Mondelinge Vraag van B. Drèze, 25 februari 2014, (p. 12)
OESO-rapport (Tax Transparancy 2013. Report on Progress)



04-07-19 Fiscus mag privéwoning betreden, maar krijgt geen vrijbrief van Grondwettelijk Hof
De controles van de fiscus ter plaatse, de zogenaamde fiscale visitaties, blijven controverse oproepen. Concreet rees de vraag of de bestaande procedure die de fiscus moet volgen om toegang te krijgen tot de privéwoning van de belastingplichtige, voldoende waarborgen biedt ter bescherming van fundamentele rechten zoals de privacy. Het Grondwettelijk Hof ziet geen echte problemen maar eist wel betekenisvolle waarborgen.....lire la suite
 
19-06-19 Onroerende verhuur met BTW: fiscus geeft nuttige verduidelijkingen
Sinds 1 januari 2019 is het mogelijk om – optioneel – een gebouw te verhuren mét BTW. Dat betekent dus dat de BTW op de kosten voor dat gebouw aftrekbaar wordt. Er zijn echter allerlei voorwaarden en speciale regimes, wat de nieuwe optieregeling behoorlijk ingewikkeld maakt. De fiscus poogt nu enige klaarheid te scheppen met een “FAQ”, een lijst met antwoorden op vaak gestelde vragen.....lire la suite
 
19-06-19 Afzonderlijke belasting van vergoedingen na stopzetting: geen “normale beroepswerkzaamheid” meer nodig
Inzake afzonderlijke belasting van bepaalde achterstallen, opzeg- en compensatievergoedingen enz. keren we terug naar het gunstige regime van vóór 2013. De enge interpretatie door het Hof van Cassatie van het begrip “normale beroepswerkzaamheid” wordt naar de prullenmand verwezen door dat begrip uit de wet te schrappen. De oude interpretatie van de fiscus wordt in de wet ingeschreven.....lire la suite
 
14-06-19 Effectieve prestaties door managementvennootschap zijn niet vereist
Met de aftrek van vergoedingen die betaald worden aan een managementvennootschap, is er principieel geen enkel probleem, oordeelt het Hof van Cassatie. De fiscus gebruikt vaak het argument dat de vennootschap zelf geen effectieve managementprestaties levert. Dat doen de natuurlijke personen achter de vennootschap. Maar dat argument doet niet ter zake, aldus het Hof van Cassatie. ....lire la suite
 
site web par webalive