nlfren
PRINT
SITEMAP | DISCLAIMER
About Us   Practice Areas   Lawyers   Co-ordinates   News   Jobs  
  VAT news - VAT invoicing and long term hire
 
Herkwalificatie interest in dividend blijft twistpunt
 
Als een belastingplichtige iets verkoopt aan zijn vennootschap en geen onmiddellijke betaling eist, staat hij dan een “geldlening” toe waarvan de interest geherkwalificeerd kan worden in een dividend? Nog maar enkele maanden geleden leek het antwoord nee, want het Hof van Cassatie floot de fiscus terug. Maar nu toont een nieuw arrest van het Hof van Cassatie dat de discussie nog ver van gesloten is. Het komt aan op de “werkelijke bedoeling” van partijen.

De bestuurder van een vennootschap verkocht voor een half miljoen euro aandelen aan de vennootschap waarvan hij bestuurder was. De vennootschap betaalde de aandelen niet effectief maar nam de koopprijs als schuld aan de bestuurder op in zijn rekening-courant. Daar werden wel interesten op betaald.

Koopprijs geboekt op rekening-courant bestuurder
 
De fiscus zag daarin een “geldlening” van de bestuurder aan de vennootschap, paste dus artikel 18, lid 1, 4° van het WIB 1992 toe en herkwalificeerde die interest in een dividend. Het gevolg was o.m. dat de vennootschap 25% in plaats van 15% roerende voorheffing moest inhouden (zie ons artikel “Risico op herkwalificatie van interest in dividend wordt kleiner” voor een overzicht van de nadelige fiscale gevolgen).

Daar was de belastingplichtige het natuurlijk niet mee eens, en uiteindelijk werd de discussie tot voor het Hof van Cassatie gebracht.

Het belangrijkste argument van de belastingplichtige was, zoals steeds in dergelijke zaken, dat een “geldlening” de effectieve overhandiging van geld vereist. Het Burgerlijk Wetboek spreekt immers van het “afgeven” van de geleende zaak (artikel 1875 en 1892). En in dit geval had de zaakvoerder natuurlijk niet effectief geld “afgegeven” aan de vennootschap. Zonder “geldlening” is ook geen herkwalificatie mogelijk.

Toch “geldlening”
 
Het al even traditionele tegenargument van de fiscus is dat verondersteld moet worden dat de vennootschap de koopprijs onmiddellijk effectief betaalt, en dat de bestuurder dat geld onmiddellijk terug uitleent aan de vennootschap.

Impliciet lijkt het Hof van Cassatie die redenering te volgen. Het wijst er namelijk op dat de overhandiging van geld in het kader van een geldlening kan gebeuren door “schuldvernieuwing”. Schuldvernieuwing komt tot stand wanneer een schuldenaar tegenover zijn schuldeiser een nieuwe schuld aangaat, die in de plaats komt van de oude (artikel 1271, 1° van het Burgerlijk Wetboek). De schuld die het gevolg is van het feit dat de verkoopprijs niet dadelijk betaald wordt, gaat dus teniet en wordt vervangen door een lening tegen interest in de vorm van het ter beschikking stellen van de koopprijs aan de vennootschap/koper.

Men kan dus niet zeggen dat er geen sprake is van een afgifte of terbeschikkingstelling van geld in het scenario waarin een uitgestelde betaling geboekt wordt op rekening-courant van een aandeelhouder of bedrijfsleider, aldus het Hof van Cassatie. Het is in elk geval geen argument om het bestaan van een “geldlening” te ontkennen.

Blijft feitenkwestie
 
Maar uiteindelijk blijft alles een feitenkwestie. Het tweede argument van de belastingplichtige was dan ook dat uit de feiten van dit geval niet afgeleid kan worden dat er sprake is van een “geldlening”.

Ook daar is het Hof van Cassatie het niet mee eens. Uit de volgende drie vaststellingen mocht het hof van beroep wel degelijk afleiden dat de werkelijke bedoeling van de partijen erin bestond om onmiddellijk de verkoopprijs ter beschikking van de vennootschap te stellen bij wijze van lening tegen interest:
- er was geen termijn afgesproken waarbinnen de koopprijs betaald moest worden
- de vennootschap heeft de koopprijs geboekt als een schuld op meer dan één jaar
- de interesten zijn geboekt als “interest lening aandelen”.

Opsteker voor fiscus
 
De voor de belastingplichtige gunstige rechtspraak die we bij een vorige gelegenheid gesignaleerd hebben (zie ons artikel “Risico op herkwalificatie van interest in dividend wordt kleiner”), blijkt nu dus geen definitieve veroordeling in te houden van het standpunt van de fiscus. Deze keer krijgt de belastingplichtige integendeel ongelijk, en dat ziet de fiscus duidelijk als een geweldige opsteker. Getuige daarvan het feit dat hij dit nieuwe arrest ogenblikkelijk heeft gepubliceerd op zijn eigen website Fisconet. De verwachting is dan ook dat hij in vergelijkbare zaken niet zomaar zal opgeven...

Bron: Cassatie 15 oktober 2010, F.09.0080.N



12-11-19 Valse hybrides: eindelijk duidelijkheid (min of meer)
Zogenaamde “valse” hybride auto’s worden vanaf volgend jaar fiscaal behandeld als een overeenstemmend model zonder hybride technologie. Bijna twee jaar na de aankondiging van de maatregel weten we nu wat een “overeenstemmend” model is. Althans in theorie. In de praktijk zal het wachten zijn op de lijst die de fiscus binnenkort publiceert.....read more
 
12-11-19 Nieuwe antimisbruikbepaling: fiscus krijgt dan toch ongelijk
Met de oude versie van de algemene antimisbruikbepaling (artikel 344, §1 WIB 1992) leek de fiscus in de rechtspraak vaak bot te vangen. Daarom werd die bepaling in 2012 herschreven. Bedoeling was om het toepassingsgebied te verruimen, zodat de fiscus er vaker gebruik van zou kunnen maken. Afgaand op de eerste vonnissen in eerste aanleg, leek die ambitie waargemaakt te worden. Maar nu voor het eerst een hof van beroep zich uitspreekt, blijkt de fiscus minder reden tot juichen te hebben.....read more
 
05-11-19 Kostenaftrek voor flat aan zee: discussie gesloten?
Onlangs heeft het Hof van Cassatie een negatief oordeel geveld over een vruchtgebruikconstructie en over de aftrek van kosten voor vastgoed dat in een vennootschap zit. Dat arrest heeft ruime weerklank gevonden in de media. Op het eerste gezicht wordt het moeilijker voor vennootschappen om nog kosten af te trekken voor woningen die ter beschikking staan van de bedrijfsleider voor privégebruik of die verhuurd worden aan derden. Het Hof van Cassatie brengt in elk geval een interessante nuance aan bij zijn fameuze “midzomerarresten” van 2015. Maar de discussie is daarmee nog lang niet gesloten.....read more
 
02-10-19 Regeling aanslag geheime commissielonen bevat discriminatie
Een vennootschap die (bijv. aan haar bedrijfsleider) een voordeel verstrekt waarvoor ze geen fiches opmaakt, kan aan de aanslag geheime commissielonen ontsnappen als de genieter van het voordeel ondubbelzinnig geïdentificeerd wordt binnen 2,5 jaar. Maar wat als de genieter kort na het verstrijken van die termijn alsnog geïdentificeerd wordt en de fiscus hem toch nog kan belasten? Volgens het Grondwettelijk Hof zou het al dan niet respecteren van die termijn geen verschil mogen maken. Het is niet de bedoeling dat de afzonderlijke aanslag tot dubbele belasting leidt.....read more
 
website by webalive