nlfren
PRINT
SITEMAP | DISCLAIMER
About Us   Practice Areas   Lawyers   Co-ordinates   News   Jobs   General conditions  
  VAT news - VAT invoicing and long term hire
 
Aangifte vennootschapsbelasting: Vak XV over de "grootte" van uw vennootschap goed invullen
 
Het nieuwe Vak XV op de aangifte vennootschapsbelasting zorgt voor onzekerheid door een niet altijd even duidelijke formulering en omdat er op het eerste gezicht overbodige gegevens gevraagd worden. Maar er zit wel degelijk een logica achter.

Op de nieuwe aangifte in de vennootschapsbelasting voor aanslagjaar 2010 staat een nieuw Vak XV: “Grootte van de vennootschap”. De reden is dat een hele reeks fiscale voordelen voorbehouden is voor “kleine vennootschappen” in de zin van artikel 15 van het Wetboek Vennootschappen. Dat criterium vervangt meer en meer de uiteenlopende definities van zogenaamde kleine en middelgrote ondernemingen die voordien gehanteerd werden in het Wetboek Inkomstenbelastingen (zie ons artikel “Nieuwigheden in de eindejaarswetten: beveiliging voor vrachtwagens aangemoedigd”). De controle op dat criterium is daarom voortaan een eigen vak waard op de aangifte.

Verbonden?
 
Om te beginnen wordt in rubriek A van Vak VX gevraagd of de vennootschap verbonden is met andere vennootschappen. Dat is van belang omdat de criteria van artikel 15 van het Wetboek Vennootschappen op geconsolideerde wijze beoordeeld moeten worden. Een vennootschap die op zichzelf genomen “klein” is omdat ze een bescheiden jaaromzet, balanstotaal of personeelsbestand heeft, kan toch “groot” zijn als die criteria bekeken worden voor de groep als geheel.

Daarnaast moet de vennootschap in rubriek B “ja” of “neen” antwoorden op de vraag of ze “klein” is voor het laatste en het voorlaatste belastbaar tijdperk.

Opvallend is dat rubriek A en B betrekking hebben op verschillende boekjaren. A betreft boekjaar 2009 (als het gaat om aanslagjaar 2010 en een boekjaar dat eindigt op 31 december), terwijl het antwoord in rubriek B gebaseerd zou moeten zijn op de gegevens voor boekjaren 2007 en 2008. In principe zijn alleen die laatste van belang om te bepalen of de onderneming voor aanslagjaar 2010 een “kleine vennootschap” is. Sommige belastingplichtigen vragen zich daarom af of ze wel verplicht zijn rubriek A in te vullen. Vooral ook omdat lang niet alle vennootschappen die geconsolideerde gegevens bij de hand hebben. En omdat het begrip “verbondenheid” zelf ook al voor interpretatie vatbaar is.

Gegevens op (niet-)geconsolideerde basis vermelden
 
Maar de grootste verwarring is gezaaid door het tweede onderdeel van rubriek A. Eerst moet de belastingplichtige, zoals gezegd, invullen of de vennootschap ja dan neen “verbonden” is. Vervolgens is er ruimte om jaaromzet, balanstotaal en personeelsbestand te vermelden - de drie criteria uit artikel 15 van het Wetboek van Vennootschappen (codes 267, 261 en 251). Die worden echter ingeleid met de opmerking: “indien op de vorige vraag ontkennend is geantwoord, de gegevens op niet-geconsolideerde basis vermelden”. In de ogen van sommigen suggereert die formulering dat het tweede onderdeel van rubriek A alleen bestemd is voor wie “neen” geantwoord heeft op de vraag of de vennootschap verbonden is met andere. En dat er, als de vennootschap wél verbonden is met (een) andere vennootschap(pen), dus niets ingevuld hoeft te worden.

Dat is echter niet de bedoeling van de fiscus. Als er op de eerste vraag “ja” geantwoord is, dus als de vennootschap verbonden is met een andere, dan moeten die gegevens logischerwijze op geconsolideerde basis ingevuld worden. Alleen zo kan de fiscus nagaan of de vennootschap klein is in de zin van artikel 15 van het Wetboek Vennootschappen.

Databank
 
Het klopt dat die gegevens strikt genomen geen fiscale relevantie hebben voor het huidige aanslagjaar. Maar, zoals gemeld in de nieuwsbrief Fiscale Actualiteit nr. 29 (2010), is het de bedoeling van de fiscus om een databank aan te leggen met die gegevens. Aan de hand daarvan zal de fiscus dan in de toekomst zelf kunnen bepalen of een vennootschap groot of klein is. Binnen twee jaar (aanslagjaar 2012) zal de fiscus op die manier beschikken over de gegevens voor boekjaar 2009 (dit jaar ingevuld) en 2010 (volgend jaar in te vullen in Vak XV, rubriek A) en dus perfect zelf in staat zijn om uit te maken of een vennootschap klein of groot is voor aanslagjaar 2012.

Tot slot: over de juiste interpretatie van de criteria uit artikel 15 van het Wetboek Vennootschappen is onlangs ook een CBN-advies verschenen (zie ons artikel “Wat is een kleine vennootschap voor de fiscus: CBN licht criteria toe”).



19-06-19 Onroerende verhuur met BTW: fiscus geeft nuttige verduidelijkingen
Sinds 1 januari 2019 is het mogelijk om – optioneel – een gebouw te verhuren mét BTW. Dat betekent dus dat de BTW op de kosten voor dat gebouw aftrekbaar wordt. Er zijn echter allerlei voorwaarden en speciale regimes, wat de nieuwe optieregeling behoorlijk ingewikkeld maakt. De fiscus poogt nu enige klaarheid te scheppen met een “FAQ”, een lijst met antwoorden op vaak gestelde vragen.....read more
 
19-06-19 Afzonderlijke belasting van vergoedingen na stopzetting: geen “normale beroepswerkzaamheid” meer nodig
Inzake afzonderlijke belasting van bepaalde achterstallen, opzeg- en compensatievergoedingen enz. keren we terug naar het gunstige regime van vóór 2013. De enge interpretatie door het Hof van Cassatie van het begrip “normale beroepswerkzaamheid” wordt naar de prullenmand verwezen door dat begrip uit de wet te schrappen. De oude interpretatie van de fiscus wordt in de wet ingeschreven.....read more
 
14-06-19 Effectieve prestaties door managementvennootschap zijn niet vereist
Met de aftrek van vergoedingen die betaald worden aan een managementvennootschap, is er principieel geen enkel probleem, oordeelt het Hof van Cassatie. De fiscus gebruikt vaak het argument dat de vennootschap zelf geen effectieve managementprestaties levert. Dat doen de natuurlijke personen achter de vennootschap. Maar dat argument doet niet ter zake, aldus het Hof van Cassatie. ....read more
 
29-05-19 Fiscus haalt het misbruikwapen boven tegen vastgeklikte reserves
Stilaan zien we in de rechtspraak de eerste toepassingen van de vernieuwde algemene rechtsmisbruikbepaling. In veel gevallen lijkt de fiscus voorlopig gelijk te krijgen. De nieuwe versie van artikel 344, §1 blijkt dus een krachtiger wapen in handen van de fiscus dan de oude versie. De fiscus roept die bepaling o.m. in tegen vennootschappen die gebruik maakten van de mogelijkheid om reserves “vast te klikken” in kapitaal met het oog op een latere belastingvrije uitkering, maar die in de ogen van de fiscus die regeling toepasten in situaties waarvoor ze niet bedoeld was.....read more
 
website by webalive