nlfren
PRINT
SITEMAP | DISCLAIMER
Voorstelling   Vakgebieden   Advocaten   Coördinaten   Nieuws   Jobs   Algemene voorwaarden  
  Nieuwe BTW regels voor facturatie en verhuring van vervoermiddelen
 
SINDS KORT MOET DE BOUWHEER SOMS EEN DEEL VAN DE (ONDER) AANNEMERSFACTUUR RECHTSTREEKS AAN DE (PARA)FISCUS BETALEN!
 
Tot voor kort moest een bouwheer er goed op letten dat zijn aannemer “geregistreerd” was. Was dat niet het geval, dan riskeerde hij/zij hoofdelijk aansprakelijk te worden gesteld voor de sociale en fiscale schulden van de aannemer/onderaannemer. Deze regeling, die zowel in een zogenaamd fiscaal als in een para-fiscaal luik voorzag, werd voor enige tijd Europees onder vuur genomen, zodoende dat de Belgische wetgever tot aanpassing van de regelgeving werd gedwongen.

Of de (onder)aannemer is geregistreerd, doet er sinds 1 januari 2009 niet meer toe.

Enkel relevant is na te gaan of de aannemer al dan niet (para)fiscale schulden heeft op het ogenblik van de betaling van (een deel van) de prijs. Blijkt de (onder)aannemer wel degelijk schulden te hebben, dan dient de bouwheer nog steeds tot inhouding over te gaan, op straffe van anders hoofdelijk aansprakelijk te worden gesteld.

Maar hoe kan de bouwheer weten of een (onder)aannemer (para)fiscale schulden heeft?

Dit kan via speciaal daartoe opgestelde databanken, waarin wordt getracht voldoende informatie terzake te verstrekken, zonder evenwel de betrokken (onder)aannemer publiekelijk en in detail aan de schandpaal te nagelen (databanken te consulteren op www.sociale-zekerheid.be respectievelijk www.minfinfgov.be, via de rubriek “my Minfin”).

De databanken geven aan of er al dan niet (para)fiscale schulden zijn en de opdrachtgever/aannemer al dan niet een inhouding moet verrichten en een doorstorting van deze bedragen moet doen. Het document, afgeleverd via de databank, geldt als bewijs van wel of geen inhoudings- en doorstortingsplicht ten aanzien van de aannemers opgenomen in de databank.

Het nadeel van de databank is dat de informatie niet altijd actueel is. Deze lacune werd opgevangen doordat de opdrachtgever/aannemer een attest moet opvragen bij de aannemer/onderaannemer, waaruit de hoogte van de (para)fiscale schuld blijkt. Dergelijk attest primeert op de informatie opgenomen in de databank.

Is het factuurbedrag niet hoger dan 7.143 EUR (excl. btw), dan moet de bouwheer in elk geval overgaan tot inhouding van 15% (voor de fiscale schulden) respectievelijk 35% (voor de sociale schulden).

Betaling dient te gebeuren bij de Ontvanger van het kantoor “Brussel 3 - Bijzondere ontvangsten, Kruidtuinlaan, bus 3110, 1000 Brussel” (tel.: 0257/715 60; met de volgende vermeldingen : het ondernemingsnummer van de aannemer, bedrag en datum van de factuur waarop de betaling betrekking heeft, naam van de aannemer) en respectievelijk de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid.

Wordt voormeld bedrag van 7.143 EUR (excl. btw) overschreden, dan dient een attest te worden aangevraagd De opdrachtgever of de aannemer moet dan aan zijn medecontractant vragen hem een attest voor te leggen dat het bedrag van zijn schuld vermeldt.

De inhouding kan wel worden verminderd tot de werkelijke schuld op basis van het attest, op voorwaarde dat de hoogte van de factuur minimaal 7.143 EUR (excl. btw) is.

De opdrachtgever/aannemer kan dus ontsnappen aan zijn hoofdelijke aansprakelijkheid door een correcte inhouding en doorstorting te doen. De hoofdelijke aansprakelijkheid was in de vroegere regeling (tot 31 december 2008) beperkt tot 50% van de prijs van de werken toevertrouwd aan de niet geregistreerde aannemer, exclusief BTW. In de nieuwe regeling wordt dat 100% of 65% wanneer ook de fiscale hoofdelijke aansprakelijkheid geldt. De nieuwe regeling is op dit punt dus minder gunstig.

Merk op dat de hierboven beschreven regeling - zoals vroeger - niet geldt voor een opdrachtgever-natuurlijke persoon die de werken voor louter privé doeleinden laat oprichten. 

Leo DE BROECK                                 Vincent HOVINE
Advocaat-vennoot                               Advocaat 



03-11-17 Ook managementvennootschap mag winst maken
De fiscus staat vaak wantrouwig tegenover de oprichting van een managementvennootschap. In een recent geval dacht de fiscus daar alle reden toe te hebben.....lees meer
 
02-11-17 Boete voor BTW én directe belastingen: “non bis in idem” niet geschonden
Het Hof van Cassatie brengt een belangrijke nuance aan op het beginsel “non bis in idem”.....lees meer
 
30-10-17 Fiscus mag niet vrij rondsnuffelen in beroepslokalen, of misschien toch wel?
De belastingplichtige zou op grond van artikel 319 WIB 92 de fiscus bij een controle “vrije toegang (moeten) verschaffen” tot de beroepslokalen en alle papieren die zich daar bevinden.....lees meer
 
26-10-17 Een verlaging en vereenvoudiging van belastingen op voordelen alle aard werknemers!
Het Persbericht van 25 oktober 2017 van Minister van Financiën Johan Van Overtveldt bevestigt de modernisering maar nog belangrijker de vereenvoudiging van de belastingen op de voordelen die door de werkgever worden toegekend aan de werknemers.....lees meer
 
website door webalive