nlfren
PRINT
SITEMAP | DISCLAIMER
Voorstelling   Vakgebieden   Advocaten   Coördinaten   Nieuws   Jobs   Algemene voorwaarden  
  Nieuwe BTW regels voor facturatie en verhuring van vervoermiddelen
 
Grondwettelijk Hof 15 mei 2008 : rechtsmacht over fiscale boetes reikt zo ver als regentsbesluit !
 
In een zaak die bij het Grondwettelijk Hof is beland hadden fiscale rechters zich bevoegd verklaard om administratieve fiscale boetes te verminderen of kwijt te schelden. De rechtbanken moeten immers, conform de ondertussen traditionele rechtspraak van ons Grondwettelijk Hof, beschikken over dezelfde bevoegdheid als de belastingadministratie. Dat geldt ook ten aanzien van de in artikel 9 van het besluit van de Regent van 18 maart 1831 bepaalde bevoegdheid voor de Minister van Financiën om de geldboete volledig of gedeeltelijk kwijt te schelden. De Rechtbank van Eerste Aanleg had in dit verband blijkbaar ook de daad bij het woord gevoegd, de overschrijding van de redelijke termijn vastgesteld en geoordeeld dat de toegepaste geldboeten weliswaar op zichzelf niet overdreven waren, maar dat, teneinde de inspanningen van de belastingplichtige aan te moedigen, de geldboeten moesten worden kwijtgescholden op alle bijzondere rekeningen en regularisatieopgaven die volledig aangezuiverd waren. Dit was niet naar de zin van de belastingadministratie die beroep had ingediend. In tweede aanleg had het Hof van Beroep vastgesteld dat artikel 9 van het besluit van de Regent van 18 maart 1831 aan de minister van Financiën de bevoegdheid toekent om uitspraak te doen over de bezwaarschriften die betrekking hebben op de kwijtschelding van andere geldboeten en verhogingen van rechten als geldboeten dan die welke door de rechter worden uitgesproken. Het Hof besloot om deze kwestie aan het Grondwettelijk Hof voor te leggen.

Het Grondwettelijk Hof kon niet duidelijker zijn in het arrest van 15 mei 2008 (te consulteren op www.grondwettelijkhof.be). In overweging B.6.3. stelt het Grondwettelijk Hof expliciet dat wanneer bij de rechter een beroep wordt ingesteld tegen een beslissing die de minister van Financiën of diens gedelegeerde op grond van artikel 9 van het besluit van de Regent van 18 maart 1831 heeft genomen, die rechter, zoals de minister van Financiën of diens gedelegeerde, de geldboete moet kunnen kwijtschelden of verminderen. Alleen in dergelijke interpretatie respecteert artikel 70 van het BTW-Wetboek het gelijkheidsbeginsel van onze Grondwet.

De Belgische Staat had tevergeefs het argument aangevoerd dat de bevoegdheid van de Minister op grond van het regentsbesluit een willige bevoegdheid is  die tot het prerogatief van de uitvoerende macht behoort. De Ministerraad had gepleit dat dit genaderecht bezwaarlijk kon worden uitgehold door aan de rechterlijke macht dezelfde bevoegdheid te geven. Haast achteloos veegt het Grondwettelijk Hof deze theorie, die tevoren bijvoorbeeld al met zoveel woorden was aangehangen door het Hof van Beroep te Luik , van tafel. Ook het Hof van Cassatie had in feite aan de rechterlijke macht - klaarblijkelijk niet in het minst om die reden - het prerogatief onthouden om over de opportuniteit van een sanctie te oordelen .

De afwijzing van dit middel door het Grondwettelijk Hof is naar ons aanvoelen terecht om de eenvoudige reden dat artikel 10 en 11 van de Grondwet in samenlezing met artikel 6 EVRM dienen te worden gelezen en de scheiding der machten of de prerogatieven van de Koning geen excuus kunnen zijn voor een overtreding van de hogere rechtsnorm van het eerlijk proces .

Met deze beslissing geeft het Grondwettelijk Hof een duidelijke boodschap mee aan ons Hof van Cassatie dat zich al lange tijd lijkt te verzetten tegen de invulling van de rechtsmacht van de fiscale rechter als zou hij zich ook de bevoegdheden van het regentsbesluit kunnen toemeten. Tot nu toe heeft het Hof van Cassatie in ieder geval steeds geweigerd de rechterlijke opportuniteitscontrole toe te laten naar analogie met het regentsbesluit .

Wij van onze kant bestrijden dat al lang. Haast moegestreden zagen we in bepaalde rechtsleer onze theorie zelfs als speculatief en hopeloos gebrandmerkt . Maar wie zei ook weer : de volhouder wint.

Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens had ons Hof van Cassatie al eens teruggefloten.

Na tien jaar van toepasselijkheid van artikel 6 EVRM op hoge fiscale boetes is er eindelijk licht in de tunnel over de interpretatie van de rechterlijke bevoegdheid.

Bart Coopman
advocaat-vennoot
De Broeck Van Laere Van Camp Coopman Sandra



13-08-18 Geen belastbaar voordeel voor smartphone bij split bill, tenzij…
Als de werknemer maar voor een bepaald maximumbedrag mag bellen met een smartphone van het werk, en hij alles boven dat maximum zelf betaalt, is er geen sprake van een belastbaar voordeel van alle aard, niet voor de telefoonkosten maar ook niet voor de smartphone zelf. In de praktijk is het echter genuanceerder dan dat. De fiscus legt nu alle regeltjes uit in een circulaire.....lees meer
 
13-08-18 Voetbalstewards kunnen nu 34,03 euro belastingvrij per wedstrijd krijgen
Vrijwilligers in de sport- en culturele sector mogen tot een bepaald bedrag een vergoeding ontvangen die belastingvrij blijft. Die wordt verondersteld een onkostenvergoeding te vormen zonder dat er een bewijs van effectieve kosten nodig is....lees meer
 
12-07-18 Is effectentaks te omzeilen?
De taks op de effectenrekeningen wordt ingehouden door de bank van zodra er 500.000 euro op een effectenrekening staat (zie ons artikel “Taks op effectenrekeningen is nu effectief van kracht geworden”)....lees meer
 
10-07-18 Bitcoins: vragenlijst van Rulingcommissie brengt iets meer licht in de duisternis
Over de belastbaarheid van bitcoins en andere cryptomunten wordt nu iets meer duidelijkheid geschapen dankzij een vragenlijst die de Rulingcommissie openbaar gemaakt heeft.....lees meer
 
website door webalive