nlfren
PRINT
SITEMAP | DISCLAIMER
Voorstelling   Vakgebieden   Lawyers   Coördinaten   Nieuws   Links   Algemene voorwaarden  
  Nieuwe BTW regels voor facturatie en verhuring van vervoermiddelen
 
Overheid en B.T.W. : nieuwe regels vanaf 1 juli 2007
 
Actueel zijn publiekrechtelijke lichamen zoals de Belgische Staat, de Gemeenschappen en de Gewesten van de Belgische Staat, de provincies, de agglomeraties, de gemeenten en de openbare instellingen geen btw-plichtigen.

Dit betekent dat zij over het algemeen geen B.T.W. dienen aan te rekenen op de handelingen en activiteiten die zij verrichten. De keerzijde van de medaille is natuurlijk dat de B.T.W. die wordt aangerekend door leveranciers niet in aftrek kan worden gebracht en de publiekrechtelijke lichamen treden in feite op als laatste schakel in het B.T.W.-stelsel waardoor zij de totale belastingdruk als eindverbruiker dragen.

De publiekrechtelijke lichamen kunnen zich wel vrijwillig registreren als B.T.W.-plichtige met recht op aftrek op basis van de Europese B.T.W.- Richtlijn. Bovendien bevat het Koninklijk Besluit nr. 26 d.d. 2 december 1970 (B.S. 5 december 1970) een lijst van handelingen waarvoor de publiekrechtelijke lichamen wel als B.T.W.-plichtigen worden aangemerkt. Dit Koninklijk Besluit werd evenwel bij arrest d.d. 16 maart 2005 in strijd met de grondwet bevonden en zodoende buiten werking is gesteld.

De Programmawet van 27 december 2007 (B.S. 28 december 2006) heeft de B.T.W.-plicht van de publiekrechtelijke lichamen grondig aangepast. Deze aanpassingen zullen in werking treden op 1 juli 2007.

Algemeen kan worden dat de publiekrechtelijke lichamen in principe niet B.T.W.-plichtig zijn voor de handelingen die zij als 'overheid' verrichten. Voorbeelden van dergelijke handelingen zijn de politiediensten, de dienst bevolking, de exploitatie van parkeermeters op de openbare weg, het ophalen van huisvuil e.d. door de diensten van de steden en gemeenten.

Het stellen van handelingen die gratis worden verricht vallen uiteraard niet onder de toepassingssfeer van de B.T.W., zoals bijvoorbeeld gratis openluchtconcerten e.d.

De publiekrechtelijke lichamen krijgen vanaf 1 juli 2007 wél de hoedanigheid van B.T.W.-plichtige indien:

zij handelingen verrichten die zijn vrijgesteld krachtens artikel 44 van het B.T.W. -wetboek. In dit artikel worden de handelingen opgesomd die zijn vrijgesteld van B.T.W. doch waarop de verstrekker geen recht op aftrek kan genieten. Het betreft o.m. diensten met betrekking tot bejaardentehuizen, kinderbewaarplaatsen, instellingen voor gezinshulp, centra voor levens- en gezinsvragen, instellingen die gehandicaptenzorg tot doel hebben, diensten verstrekt door exploitatnen van sportinrichtingen, het verstrekken van onderwijs, verhuur van boeken en tijdschriften door bijvoorbeeld openbare bibliotheken, de organisatie van een aantal culturele voorstellingen.
 

zij handelingen verrichten die zijn vrijgesteld krachtens artikel 44 van het B.T.W. -wetboek. In dit artikel worden de handelingen opgesomd die zijn vrijgesteld van B.T.W. doch waarop de verstrekker geen recht op aftrek kan genieten. Het betreft o.m. diensten met betrekking tot bejaardentehuizen, kinderbewaarplaatsen, instellingen voor gezinshulp, centra voor levens- en gezinsvragen, instellingen die gehandicaptenzorg tot doel hebben, diensten verstrekt door exploitatnen van sportinrichtingen, het verstrekken van onderwijs, verhuur van boeken en tijdschriften door bijvoorbeeld openbare bibliotheken, de organisatie van een aantal culturele voorstellingen.
 

Een belangrijk gevolg van de uitbreiding van deze handelingen naar publiekrechtelijke lichamen betreft de eigen werken in onroerende staat (artikel 19 § 2 W. B.T.W.. De publiekrechtelijke lichamen worden belastingplichtig indien zij werken in onroerende staat laten verrichten door eigen personeel (voor zover het niet gaat om herstellings- onderhouds- en reinigingswerken);

zij handelingen verrichten waarbij een behandeling als niet-belastingplichtige zou leiden tot een concurrentieverstoring van enige betekenis met de privé-sector;
 

zij handelingen verricht die worden opgesomd in het gewijzigde artikel 6 W.B.T.W. In het vernieuwde artikel 6 W. B.T.W. wordt een opsomming gegeven van 12 werkzaamheden of handelingen die in ieder geval de belastingplicht van de publiekrechtelijke lichamen met zich meebrengt op voorwaarde dat deze handelingen of werkzaamheden niet van onbeduidende omvang zijn. Het gaat om telecommunicatiediensten, levering en voorziening van water, gas en electriciteit, het goederen- en personenvervoer, de levering van goederen en het verrichten van diensten in het kader van de exploitatie van havens, bevaarbare waterlopen en vlieghavens, de levering van nieuwe goederen geproduceerd voor de verkoop, handelingen van landbouwinterventiebureaus met betrekking tot landbouwproducten, de exploitatie van commerciële beurzen en tentoonstellingen, de exploitatie en het verlenen van rechten op de exploitatie van een parkeergelegenheid, een opslagplaats en/of een kampeerterrein, de werkzaamheden inzake reclame, diensten van reisbureaus, de leveringen van goederen en diensten  verricht door o.m. bedrijfskantines, de levering van goederen en de diensten verricht door radio- en televisieomroepdiensten.
 

De implementatie van deze nieuwe regels in de praktijk zal niet steeds evident zijn. Bovendien blijven nog heel wat onduidelijkheden bestaan waarover de Administratie beloofd tegen 30 juni 2007 een aantal dingen te verduidelijken.

De publiekrechtelijke lichamen zullen hun boekhoudkundige organisatie moeten aanpassen aan deze nieuwe regels en de nodige expertise opbouwen teneinde een correcte begeleiding naar het nieuwe systeem mogelijk te maken.

Anderzijds zullen deze nieuwe regels ook opportuniteiten bieden. Zo zal de B.T.W. op bedrijfsmiddelen die in het verleden werden aangekocht kunnen worden teruggevorderd onder bepaalde voorwaarden.

De nieuwe regels zoals ze nu voorliggen doen reeds heel wat vragen rijzen. De praktijk zal uitwijzen welke bijkomende elementen tot verdere verduidelijking zullen nopen. Tot 1 januari 2008 wordt een gedoogbeleid gevoerd. De fiscale administratie zal geen kritiek leveren op de publiekrechtelijke lichamen die moeilijkheden zouden ondervinden met de integratie van de nieuwe reglementering.

Patrizia MACALUSO



18-09-17 Aanslag geheime commissielonen: Grondwettelijk Hof perkt ontsnappingsroute in
In principe volstaat het nu om de verkrijger van een “geheim commissieloon” tijdig te identificeren om aan de aanslag geheime commissielonen te ontsnappen. ....lees meer
 
08-09-17 Nieuwe Omzettingstabellen vruchtgebruik gepubliceerd
Men weet dat onze wetgever in 2014 eindelijk werk heeft gemaakt van de wijze waarop het erfelijke vruchtgebruik van de langstlevende echtgenote gewaardeerd moet worden, indien de omzetting wordt gevraagd en de partijen (echtgenoot-vruchtgebruiker versus kinderen-blote eigenaars) daarover geen akkoord kunnen vinden.....lees meer
 
01-09-17 Wet tot wijziging van het Burgerlijk Wetboek wat de erfenissen en de giften betreft en tot wijziging van diverse andere bepalingen ter zake
FILIP, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. De Kamer van volksvertegenwoordigers heeft aangenomen en Wij bekrachtigen hetgeen volgt:....lees meer
 
08-08-17 Régularisation fiscale: formulaires pour "montants non-scindés" publiés au moniteur belge (M.B. 31/07/2017)
Le 23 mai 2017, le Gouvernement fédéral et le Gouvernement flamand ont conclu un accord de coopération sur les « montants non-scindés » relatifs au capitaux fiscalement prescrit.....lees meer
 
website door webalive