nlfren
PRINT
SITEMAP | DISCLAIMER
Voorstelling   Vakgebieden   Lawyers   Coördinaten   Nieuws   Jobs  
  Nieuwe BTW regels voor facturatie en verhuring van vervoermiddelen
 
De bevrijding van de kosteloze borg na faillissement: wetswijziging met belangrijke implicaties, ook voor lopende faillissementen.
 
Een wet van 20 juli 2005 heeft een aantal belangrijke wijzigingen aangebracht in het faillissementsrecht.

Deze wijzigingen hebben een aanmerkelijke invloed op de situatie van borgstellers van failliet verklaarde ondernemingen. In de omgekeerde zin is ook de situatie van schuldeisers die met een failliete onderneming worden geconfronteerd en die hierbij van een borgstelling door een natuurlijke persoon kunnen genieten, hierdoor gewijzigd.

Klassiek zijn de voorbeelden van ouders die zich borg stellen voor een lening ten voordele van de onderneming van hun kinderen, bestuurders die zich borg stellen voor leasing-contracten van de vennootschap,...

Vroeger kon enkel een kosteloze borg van een gefailleerde natuurlijke persoon bevrijd worden indien de gefailleerde verschoonbaar werd verklaard. Het Arbitragehof oordeelde dat hier een discriminatie bestond omdat de kosteloze borg van een gefailleerde rechtspersoon niet van dit voordeel kon genieten.

De nieuwe wet bepaalt nu dat een natuurlijke persoon die zich persoonlijk en kosteloos zeker heeft gesteld (borgstelling, avalgever, bepaalde hoofdelijke mede-schuldenaars,...) voor een gefailleerde natuurlijke persoon of rechtspersoon, kan bevrijd worden van deze schuld.

De rechtbank kan de bevrijding van de borg uitspreken in de mate dat zij  vaststelt dat de verbintenis van de zekerheidssteller niet in verhouding is met zijn inkomsten en zijn patrimonium. Een dergelijke wanverhouding zal bijvoorbeeld bestaan indien de schuld enkel kan voldaan worden door verkoop van de gezinswoning, de schuld slechts op zeer lange termijn kan worden voldaan, de opvoeding van de kinderen in het gedrang komt, ...

Belangrijk hierbij is dat de bevrijding van de kosteloze borg niet meer gekoppeld wordt aan de verschoonbaarheid van de gefailleerde. Het zal dus mogelijk zijn dat een kosteloze borg van een verschoonbaar verklaarde gefailleerde toch nog aangesproken wordt. Omgekeerd zal een borg van een niet verschoonbaar verklaarde gefailleerde, toch nog bevrijd kunnen worden.

Schuldeisers die genieten van een persoonlijke zekerheidsstelling (banken, leasingmaatschappijen, kredietverschaffers,...) moeten hiervan melding maken in de aangifte van schuldvordering en ten laatste binnen de zes maanden na de faillietverklaring. Indien zij dit niet doen, is de persoon die zich zeker stelde, van rechtswege bevrijd!

Deze nieuwe wet is in werking getreden op 7 augustus 2005. De wet is van toepassing op alle lopende faillissementen, m.a.w. alle faillissementen die nog niet werden afgesloten, ongeacht de datum waarop het faillissement werd geopend.

Voor de lopende faillissementen is een overgangsregeling uitgewerkt. Schuldeisers die genieten van een persoonlijke zekerheidsstelling moeten een verklaring indien bij de griffie van de rechtbank van koophandel tegen uiterlijk 7 november 2005. Doen zij dit niet, dan zijn de zekerheidsstellers bevrijd!

De curatoren hebben vervolgens tot 7 december 2005 tijd om de zekerheidsstellers te verwittigen.

Deze laatsten hebben ten slotte tot 7 januari 2005 de tijd om hun verklaring in te dienen. Indien zij dit niet doen, kunnen ze niet meer bevrijd worden.

Voor verdere vragen hierover kunt u steeds terecht bij Tom VANRAES (tvr@dvvc.be) of Jan VAN CAMP (jvc@dvvc.be).




12-11-19 Valse hybrides: eindelijk duidelijkheid (min of meer)
Zogenaamde “valse” hybride auto’s worden vanaf volgend jaar fiscaal behandeld als een overeenstemmend model zonder hybride technologie. Bijna twee jaar na de aankondiging van de maatregel weten we nu wat een “overeenstemmend” model is. Althans in theorie. In de praktijk zal het wachten zijn op de lijst die de fiscus binnenkort publiceert.....lees meer
 
12-11-19 Nieuwe antimisbruikbepaling: fiscus krijgt dan toch ongelijk
Met de oude versie van de algemene antimisbruikbepaling (artikel 344, §1 WIB 1992) leek de fiscus in de rechtspraak vaak bot te vangen. Daarom werd die bepaling in 2012 herschreven. Bedoeling was om het toepassingsgebied te verruimen, zodat de fiscus er vaker gebruik van zou kunnen maken. Afgaand op de eerste vonnissen in eerste aanleg, leek die ambitie waargemaakt te worden. Maar nu voor het eerst een hof van beroep zich uitspreekt, blijkt de fiscus minder reden tot juichen te hebben.....lees meer
 
05-11-19 Kostenaftrek voor flat aan zee: discussie gesloten?
Onlangs heeft het Hof van Cassatie een negatief oordeel geveld over een vruchtgebruikconstructie en over de aftrek van kosten voor vastgoed dat in een vennootschap zit. Dat arrest heeft ruime weerklank gevonden in de media. Op het eerste gezicht wordt het moeilijker voor vennootschappen om nog kosten af te trekken voor woningen die ter beschikking staan van de bedrijfsleider voor privégebruik of die verhuurd worden aan derden. Het Hof van Cassatie brengt in elk geval een interessante nuance aan bij zijn fameuze “midzomerarresten” van 2015. Maar de discussie is daarmee nog lang niet gesloten.....lees meer
 
02-10-19 Regeling aanslag geheime commissielonen bevat discriminatie
Een vennootschap die (bijv. aan haar bedrijfsleider) een voordeel verstrekt waarvoor ze geen fiches opmaakt, kan aan de aanslag geheime commissielonen ontsnappen als de genieter van het voordeel ondubbelzinnig geďdentificeerd wordt binnen 2,5 jaar. Maar wat als de genieter kort na het verstrijken van die termijn alsnog geďdentificeerd wordt en de fiscus hem toch nog kan belasten? Volgens het Grondwettelijk Hof zou het al dan niet respecteren van die termijn geen verschil mogen maken. Het is niet de bedoeling dat de afzonderlijke aanslag tot dubbele belasting leidt.....lees meer
 
website door webalive