nlfren
PRINT
SITEMAP | DISCLAIMER
Présentation   Domaines d'activités   Lawyers   Coordonnées   Nouvelles   Jobs   Conditions générales  
  Nouvelles règles TVA en matière de facturation et location de moyens de transport
 
FISCALE AKKOORDEN GELDEN NIET VOOR RSZ
 
In de Wet houdende diverse bepalingen van 20 juli 2005 (publicatie in Staatsblad van 29 juli 2005) zit een artikel 111 vervat waarin vermeld wordt dat fiscale akkoorden inzake 'eigen kosten van de werkgever' of 'kwalificatie van de inkomsten en beslissingen van die administratie inzake de kwalificatie van die inkomsten' niet bindend zijn buiten de inkomstenbelasting. Dit artikel staat in deze zogenaamde mozaïekwet wat verscholen tussen grotere hoofdstukken, maar kan in de praktijk groot belang hebben.

Waar gaat het over ?
 
De voorbije jaren werd vooral de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid (RSZ) bij betwistingen voor de rechtbank herhaaldelijk geconfronteerd met rechters die oordeelden dat een fiscaal akkoord ook van belang bij het beoordelen of een bepaald voordeel/betaling al of niet onderworpen was aan sociale zekerheidsbijdragen. Het gaat daarbij vaak om betwistingen over onkostenvergoedingen betaald aan directie- of kaderleden of voordelen toegekend aan het personeel.

Concreet betekent deze wetsbepaling dat een bedrijf na veel corresponderen, telefoneren en onderhandelen er best wel in kan slagen om met de fiscus een fiscale ruling af te sluiten omtrent de forfaitaire representatiekosten die zij betaald aan haar kaderleden, maar dat de RSZ dit zonder verpinken naast zich neer kan leggen. 

Daarnaast zal ook de kwalificatie die fiscus aan bepaalde inkomsten geeft (bijv. divers inkomen, dus niet-beroepsmatig) niet tegenstelbaar zijn aan de RSZ.

De problematiek is overigens niet beperkt tot werknemers, maar geldt ook voor zelfstandigen. Een zelfstandig bedrijfsleider kan een akkoord bekomen met zijn belastingcontroleur, maar de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid voor Zelfstandigen (RSVZ) zal hierdoor niet gebonden zijn.

Uit de besprekingen in de Kamer onthouden wij dat de Minister van Financiën via een circulaire aan de fiscale administratie instructie zal geven om in de toekomst in alle fiscale akkoorden een standaardzinnetje op te nemen waarin nog eens uitdrukkelijk wordt bepaald dat het akkoord enkel voor de fiscus geldt.

Geen goed signaal
 
Ook al is het zo dat het loonbegrip uit de fiscale wetgeving niet volledig overeenkomt met het loonbegrip gehanteerd voor sociale zekerheid, toch zou de wetgever er beter aan doen om beide loonbegrippen naar elkaar toe te brengen eerder dan ze uit elkaar te laten groeien. De  rechtszekerheid zou er baat bij hebben.

Een werkgever die zijn werknemers een aantrekkelijk loonpakket wil bieden en niet achteraf voor onaangename verrassingen wil staan, zal de fiscus contacteren om tot een akkoord te komen. Eens hij dit akkoord op zak heeft, moet hij ook nog eens bij de RSZ aankloppen, maar daar zal hem worden meegedeeld dat er niet iets bestaat als een 'socialezekerheidsakkoord' of een 'sociale ruling'. In antwoord op een recente parlementaire vraag bevestigde Minister Demotte nog eens dat hij geen plannen had in die richting, omdat alle instellingen van sociale zekerheid reeds op vragen van werkgever kunnen antwoorden. De RSZ geeft wel inlichtingen aan werkgevers, maar houdt zich erg op de vlakte als het erop aankomt om te zeggen of zij akkoord gaat dat iets loon is of geen loon is.

Kortom, ook een voorzichtig werkgever is verplicht om een risico te nemen. Maar ook de werknemer is gebaat bij duidelijkheid. Herkwalificaties achteraf kunnen immers ook voor hem onaangenaam zijn.

Vanaf wanneer ?
 
Deze nieuwe bepaling treedt in werking tien dagen na publicatie in het Staatsblad. Deze publicatie zal waarschijnlijk één van de volgende dagen gebeuren. Het advies van de Raad van State leert ons dat deze bepaling enkel voor de toekomst geldt.

Wie echter hoopt dat alle akkoorden die reeds vroeger werden afgesloten dan a contrario wel tegenstelbaar zijn aan de RSZ, slaat misschien toch een bruggetje over.

In ieder geval is de nieuwe wetsbepaling een gemiste kans om vooral werkgevers en werknemers meer rechtszekerheid te bieden.

Dylan CASAER, advocaat bij DE BROECK VAN LAERE VAN CAMP COOPMAN



04-07-19 Fiscus mag privéwoning betreden, maar krijgt geen vrijbrief van Grondwettelijk Hof
De controles van de fiscus ter plaatse, de zogenaamde fiscale visitaties, blijven controverse oproepen. Concreet rees de vraag of de bestaande procedure die de fiscus moet volgen om toegang te krijgen tot de privéwoning van de belastingplichtige, voldoende waarborgen biedt ter bescherming van fundamentele rechten zoals de privacy. Het Grondwettelijk Hof ziet geen echte problemen maar eist wel betekenisvolle waarborgen.....lire la suite
 
19-06-19 Onroerende verhuur met BTW: fiscus geeft nuttige verduidelijkingen
Sinds 1 januari 2019 is het mogelijk om – optioneel – een gebouw te verhuren mét BTW. Dat betekent dus dat de BTW op de kosten voor dat gebouw aftrekbaar wordt. Er zijn echter allerlei voorwaarden en speciale regimes, wat de nieuwe optieregeling behoorlijk ingewikkeld maakt. De fiscus poogt nu enige klaarheid te scheppen met een “FAQ”, een lijst met antwoorden op vaak gestelde vragen.....lire la suite
 
19-06-19 Afzonderlijke belasting van vergoedingen na stopzetting: geen “normale beroepswerkzaamheid” meer nodig
Inzake afzonderlijke belasting van bepaalde achterstallen, opzeg- en compensatievergoedingen enz. keren we terug naar het gunstige regime van vóór 2013. De enge interpretatie door het Hof van Cassatie van het begrip “normale beroepswerkzaamheid” wordt naar de prullenmand verwezen door dat begrip uit de wet te schrappen. De oude interpretatie van de fiscus wordt in de wet ingeschreven.....lire la suite
 
14-06-19 Effectieve prestaties door managementvennootschap zijn niet vereist
Met de aftrek van vergoedingen die betaald worden aan een managementvennootschap, is er principieel geen enkel probleem, oordeelt het Hof van Cassatie. De fiscus gebruikt vaak het argument dat de vennootschap zelf geen effectieve managementprestaties levert. Dat doen de natuurlijke personen achter de vennootschap. Maar dat argument doet niet ter zake, aldus het Hof van Cassatie. ....lire la suite
 
site web par webalive