nlfren
PRINT
SITEMAP | DISCLAIMER
Présentation   Domaines d'activités   Lawyers   Coordonnées   Nouvelles   Jobs   Conditions générales  
  Nouvelles règles TVA en matière de facturation et location de moyens de transport
 
BTW van 6% op een pakje friet: alleen onder voorwaarden
 
De fiscus geeft toe dat een frituur niet zomaar gelijkgesteld moet worden met een restaurant. Er mag dus 6% BTW aangerekend worden. Maar er zijn strenge voorwaarden...

Op restaurant- en cateringdiensten moet 12% BTW aangerekend worden (21% voor drank). Als het gaat om het louter leveren van voedsel of drank, zonder dat daarbij diensten verricht worden, is echter het lagere BTW-tarief van 6% van toepassing.

Traditioneel interpreteert de fiscus het begrip “restaurantdienst” heel ruim. Het volstaat dat de maaltijd op één of andere manier klaargemaakt wordt (desnoods door louter iets op te warmen) en er een ruimte is waar het voedsel onmiddellijk opgegeten kan worden (desnoods in open lucht), of zelfs dat de verkoper kartonnen borden en plastic vorkjes meegeeft of een ijshoorntje ter beschikking stelt. Op die manier valt ook een snackbar, een ijssalon of zelfs een frituur met een kleine eethoek onder de definitie van restaurant.

Hof van Justitie ziet “restaurant” niet zo ruim

Maar uit enkele recente arresten van het Europees Hof van Justitie is gebleken dat de Belgische fiscus te vlug vindt dat het tarief van 12% toegepast moet worden.  In het geval van een snackbar oordeelde het Hof dat eenvoudige standaardbereidingen en een rudimentaire infrastructuur (een toog, klapstoelen...) nog niet wijzen op een dienstverlening. En dat kopers van popcorn in een cinemacomplex vlak naast het verkooppunt op de stoeltjes van de wachtruimte kunnen gaan zitten, maakt van de bioscoop nog geen restaurant. Een restaurant veronderstelt meer, bijvoorbeeld bediening aan tafel en complexe gerechten die alleen op bestelling gemaakt worden.

De fiscus lijkt nu rekening te willen houden met die rechtspraak van het Hof van Justitie. Specifiek voor een frituur geeft de minister toe dat het BTW-tarief van 6% van toepassing kan zijn. Hij stelt echter vier voorwaarden:
1) Het eten kan alleen in de buitenlucht opgegeten worden (eventueel onder een overkapping)
2) Er is geen bediening aan tafel
3) Het eten wordt geserveerd in een wegwerpverpakking en met wegwerpbestek
4) Er worden alleen gerechten verkocht die typisch zijn voor een frituur.

Alleen voor typische frituurgerechten die niet binnen opgegeten worden

Voor dat laatste verwijst de minister naar een lijst die de fiscus ooit eens opgesteld heeft. Daarop staan, naast frieten en de bijbehorende sauzen, de typische vleessnacks uit een frituur (cervela's, satés, frikandellen...) plus rolmops en stoofvlees, maar ook hamburgers, vol-au-vent, balletjes in tomatensaus, loempia's, belegde broodjes en hotdogs. Of dat betekent dat ineens het tarief van 12% van toepassing is op de hele verkoop als de frituuruitbater daarnaast ook occasioneel een pizza, een slaatje of een dessert verkoopt, zegt de minister er niet bij.

Hij zegt er wel bij dat in het algemeen een frituur die een gesloten verbruiksruimte ter beschikking stelt, onderworpen blijft aan het tarief van 12%.

(Bron: Parlementaire Vraag van Kamerlid V. Wouters, 21 juni 2012)



17-02-20 Goed nieuws voor dieselhybrides
Hybride auto’s met een dieselmotor worden fiscaal niet gelijk gesteld met gewone dieselmodellen. Daardoor valt het aftrekpercentage algauw enkele percenten hoger uit.....lire la suite
 
13-02-20 Bordje met “privé” houdt fiscus niet tegen
In een privéwoning mag de fiscus alleen binnen met een machtiging van de politierechter. Die machtiging moet gemotiveerd zijn. Maar volgens het Hof van Cassatie hoeft die motivering nu ook weer niet zo ver te gaan dat er aanwijzingen moeten zijn van beroepsmatige activiteiten in de pure privévertrekken. Dat de maatschappelijke zetel gevestigd is op het adres van een privéwoning, volstaat als motivatie. De fiscus heeft dan meteen de toelating om niet alleen in de kantoorruimte maar ook in de woonkamer en de andere privévertrekken rond te snuffelen. Met een bordje “privé” op de deur hoeft hij dan geen rekening te houden.....lire la suite
 
10-02-20 Nieuwe antimisbruikbepaling: fiscus krijgt opnieuw ongelijk
In een tweede arrest over het herschreven artikel 344, §1 van het WIB 1992 komt het Hof van Beroep tot dezelfde conclusie als in zijn eerste arrest: de fiscus kan de algemene antimisbruikbepaling niet toepassen. Meer bepaald verschilt het Hof van mening met de fiscus over de inwerkingtreding van de nieuwe bepaling in de situatie waarin het misbruik bestaat uit een samenhangend geheel van handelingen.....lire la suite
 
10-02-20 Nieuwe regels voor BTW-herzieningen, niet alleen bij onroerende verhuur
Sinds 1 januari 2019 kan men ervoor kiezen om onroerende verhuur aan BTW te onderwerpen. Dat bracht tevens grote wijzigingen aan de BTW-herzieningsregels met zich mee. Maar op het uitvoeringsbesluit was het wachten tot midden 2019. En de uitvoerige circulaire over de nieuwe regels is pas nu verschenen. De fiscus heeft maar liefst 27 blz. nodig om de regeling uit de doeken te doen. We geven een overzicht van de belangrijkste nieuwigheden.....lire la suite