nlfren
PRINT
SITEMAP | DISCLAIMER
Voorstelling   Vakgebieden   Advocaten   Coördinaten   Nieuws   Jobs   Algemene voorwaarden  
  Nieuwe BTW regels voor facturatie en verhuring van vervoermiddelen
 
De wijzigingen op het aangifteformulier personenbelasting (IJ 2011 – AJ 2012)
 
Het formulier voor de aangifte in de personenbelasting voor aanslagjaar 2012 is ondertussen verschenen in het Staatsblad en op Tax-on-web. De talrijke fiscale maatregelen die de nieuwe regering al genomen heeft sinds eind 2011, hebben pas een impact op de aangifte van volgend jaar (aanslagjaar 2013). Toch zijn er ook op het formulier voor dit jaar een hele reeks wijzigingen. We overlopen ze kort.

Vak IV: Wedden, lonen en vervangingsinkomsten

Huisartsen - premie van het Impulsfonds

Sinds dit jaar is er een nieuw belastingvoordeel voor huisartsen. Als zij van het Impulseo-fonds een premie krijgen omdat zij zich vestigen in een gebied waar een tekort is aan huisartsen, wordt die premie gunstig belast aan een tarief van 16,5%.

Op de aangifte mag men die premie daarom niet vermelden bij de gewone beroepsinkomsten. De premie moet komen onder de nieuwe rubriek A.15 (codes 1267 en 2267).

Werkbonus

Een andere nieuwigheid is een belastingkrediet voor loontrekkers die een zogenaamde werkbonus krijgen. Werknemers met een laag inkomen (inbegrepen bedrijfsleiders met een werknemersstatuut) krijgen die werkbonus al enkele jaren in de vorm van een vermindering van sociale bijdragen. Bovenop dat sociale voordeel krijgen zij nu ook een belastingvoordeel van maximaal 119,70 euro (5,7% van de werkbonus). Dat moet mensen met een laag inkomen stimuleren om toch op de arbeidsmarkt in te treden in plaats van te leven van een uitkering. Het belastingkrediet is terugbetaalbaar, wat betekent dat de belastingplichtige ook een voordeel doet als hij niet voldoende inkomsten heeft om belastingen te betalen.

De fiscus berekent het bedrag van het belastingkrediet zelf, maar dan moet de belastingplichtige wel het bedrag van de sociale werkbonus - dat hij terugvindt op de loonfiche - invullen op de aangifte onder de nieuwe rubriek K (codes 1284 en 2284).

Inkomsten van buitenlandse oorsprong

Onder rubriek O in Vak IV moeten traditioneel de inkomsten van buitenlandse oorsprong ingevuld worden. Vroeger moesten daar (in theorie) alle buitenlandse inkomsten vermeld worden, wat ook hun belastingregime in België was. De inkomsten moesten dus twee keer vermeld worden: onder de geëigende rubriek in de rest van Vak IV (bv. gewone bezoldigingen) en onder rubriek O.

Maar nu is rubriek O voorbehouden aan vrijgestelde buitenlandse inkomsten, of in elk geval inkomsten die niet hetzelfde belastingregime ondergaan als vergelijkbare Belgische inkomsten. Alleen die inkomsten moeten dus nog dubbel vermeld worden.

Het gaat in het algemeen om buitenlandse inkomsten die in België vrijgesteld zijn maar dan “met progressievoorbehoud” (rubriek O.1). Dat wil zeggen dat er rekening mee gehouden wordt om te bepalen wat het belastingtarief is voor de andere (niet vrijgestelde) inkomsten. De fiscus moet dus weten hoeveel die buitenlandse inkomsten bedragen, ook al is er op zich geen belasting op te betalen. Ofwel gaat het om buitenlandse inkomsten die niet bij verdrag zijn vrijgesteld maar waarvoor de Belgische belasting, volgens de algemene regel, tot de helft wordt verminderd (artikel 156 WIB 1992).

Daarnaast moeten ook Nederlandse of Franse inkomsten ingevuld worden die weliswaar in België belastbaar zijn maar dan zonder inhouding van de bijzondere bijdrage voor de sociale zekerheid (omdat de inkomsten in hun land van oorsprong al onderworpen zijn aan sociale bijdragen) (rubriek O.2).

Buitenlandse inkomsten die (in België) belastbaar zijn aan het volle tarief, mogen dus niet meer herhaald worden onder rubriek O.

De fiscus raadt nog altijd aan om een bijlage bij de aangifte te voegen waaruit de reden voor de vrijstelling blijkt (zie ons artikel “Aangifte personenbelasting moet ingediend zijn tegen 28 juni of 17 juli”).

Vak IX: Uitgaven die recht geven op belastingverminderingen

Win-win-leningen

Aanvankelijk moest de Vlaamse win-win-lening in één keer worden terugbetaald op de eindvervaldatum. Sinds 1 januari 2011 is het echter ook mogelijk om tussentijdse aflossingen te doen. Daarom moet op de aangifte in rubriek E van Vak IX niet langer gewoon het bedrag van de lening vermeld worden maar wel het nog openstaande saldo (dus minus eventuele tussentijdse terugbetalingen) (codes 1377/2377 en 1378/2378).

Energiebesparende uitgaven in een woning

Nu al bijna traditioneel ondergaat deze rubriek de meeste wijzigingen.

Daarvan is er ook één in het voordeel van de belastingplichtige. Voor aanslagjaar 2012 zijn de meeste belastingverminderingen beperkt tot woningen van minstens vijf jaar oud. Ook overdracht van het niet gebruikte deel van de belastingvermindering naar volgende aanslagjaren is alleen mogelijk voor die categorie woningen. De nieuwigheid is dat die termijn van vijf jaar nu soepel geïnterpreteerd mag worden. Het volstaat dat de woning vijf jaar wordt in het jaar dat de energiebesparende uitgaven gedaan worden (zie ons artikel “Meer 'nieuwe' woningen geven recht op belastingvoordelen energiebesparende uitgaven”). Dus wie in januari 2011 het dak heeft laten isoleren van een woning die in december 2006 voor het eerst in gebruik genomen is, krijgt toch de belastingvermindering, ook al was de woning bij de aanvang van de werken nog maar vier jaar en één maand oud.

Op de aangifte blijkt dat uit de nieuwe formulering van rubriek G.1.b en c, waar nu sprake is van een woning die “op 31 december van het jaar van de aanvang der werken” vijf jaar of langer (of nog geen vijf jaar) in gebruik genomen was.

Voor aanslagjaar 2012 wordt geen belastingvermindering meer toegekend voor de isolatie van muren en vloeren. Die wordt dan ook niet meer vermeld in rubriek G.1.b 2° (alleen nog dakisolatie). Die post komt wél nog aan bod in rubriek G.1.c 1° en G.1.d 1°, want daar gaat het om overdrachten van belastingverminderingen die in vorige jaren niet opgebruikt zijn.

De verhoogde belastingvermindering wordt voor aanslagjaar 2012 alleen nog maar verleend voor zonnepalen (rubriek G.1.b 1°, code 1336) en niet meer voor “waterverwarming door middel van zonne-energie” (zonneboiler). Daarom krijgt dat laatste nu dezelfde code mee als een “andere uitrusting voor geothermische energieopwekking” (code 1337) en staat het niet langer onder dezelfde code als zonnepanelen. Die drie categorieën uitgaven zijn overigens de enige die nog in aanmerking komen voor belastingvermindering als ze gedaan zijn in een nieuwbouwwoning (minder dan vijf jaar oud).

Ten slotte wordt bij de overdrachten een onderscheid gemaakt tussen uitgaven die in 2010 betaald zijn en uitgaven die in 2009 betaald zijn (rubrieken G.1.c en G.1.d). Dat onderscheid is niet alleen van belang omdat - in het voordeel van de belastingplichtige - de oudste overdracht eerst verrekend wordt maar ook omdat het regime voor beide jaren niet hetzelfde was. De omzetting van de vermindering in een terugbetaalbaar belastingkrediet m.b.t. uitgaven van 2009 is namelijk alleen mogelijk voor isolatie. Daarom staan uitgaven uit 2009 voor isolatie apart (code 1338).

De verhoogde vermindering voor zonneboilers (zie hoger) is ook afgeschaft voor overdrachten. Dat verklaart waarom ook bij de subrubriek voor de overdrachten van verminderingen m.b.t. uitgaven van 2010 de zonnepanelen nu apart staan (code 1330) en waarom zonneboilers samen genomen worden met warmtepompen (code 1331), hoewel ze op de aangiften van vorig jaar nog bij dezelfde code stonden als zonnepanelen. Voor overdrachten m.b.t. 2009 worden zonneboilers en warmtepompen zelfs samengenomen met alle andere uitgaven (code 1341) (buiten zonnepanelen en isolatie) omdat ze hetzelfde regime volgen: geen terugbetaalbaar belastingkrediet en geen verhoging.

Het bedrag van de overdrachten staat overigens op het aanslagbiljet. Bij het invullen van de aangifte voor aanslagjaar 2012 moet dus het bedrag overgenomen worden dat vermeld staat op het aanslagbiljet voor aanslagjaar 2011.

Vak V (pensioenen), XIV (diverse inkomsten), XV (bezoldigingen van bedrijfsleiders), XVI (winsten), XVII (baten) en XX (winst en baten van een vorig beroep)

In deze vakken zijn, waar toepasselijk, dezelfde nieuwigheden te signaleren met betrekking tot buitenlandse inkomsten, de premie voor huisartsen en de werkbonus als in Vak IV (zie hoger).

Wie zich niet laat bijstaan door een mandataris, moet zijn/haar aangifte indienen tegen 28 juni 2012 of 17 juli 2012 (zie ons artikel “Aangifte personenbelasting moet ingediend zijn tegen 28 juni of 17 juli”).

Bron: Koninklijk Besluit van 14 maart 2012, Staatsblad van 21 maart 2012, 1e editie; Circulaire AAfisc nr. 19/2012 van 8 mei 2012
http://ccff02.minfin.fgov.be/KMWeb/document.do?method=view&id=598ef067-c3ec-4054-ae73-546200e1f345&caller=1



17-10-17 Tax on securities and trading accounts
On 29 September, the federal government adopted a bill of law that introduces a tax on securities and trading accounts.....lees meer
 
14-10-17 Fiscus versoepelt recht op aftrek btw
In een Circulaire van 12 oktober 2017 kondigt de fiscus aan zich voor de BTW-aftrek te schikken naar het “substance-over-form”-principe, zoals ingesteld door het Europees Hof. ....lees meer
 
13-10-17 Fiscale visitatie omvat geen algemeen huiszoekingsrecht...
… zo blijkt uit een recent arrest van het Grondwettelijk Hof, uitgesproken op 12 oktober 2017 (nr. 116/2017). ....lees meer
 
09-10-17 Kaaimantaks: achterpoortjes gaan dicht
Naast de hervorming van de vennootschapsbelasting maakte o.m. ook een “versterking” van de kaaimantaks deel uit van het zomerakkoord van de regering. ....lees meer
 
website door webalive