nlfren
PRINT
SITEMAP | DISCLAIMER
Présentation   Domaines d'activités   Lawyers   Coordonnées   Nouvelles   Jobs  
  Nouvelles règles TVA en matière de facturation et location de moyens de transport
 
Roerende voorheffing gaat omhoog en de zogenaamde “bevrijdende roerende voorheffing” is zo goed als afgeschaft
 
Naast de bedrijfswagens hebben de belastingmaatregelen van de nieuwe regering de grootste impact op de roerende inkomsten. Het gewone tarief in de roerende voorheffing en de personenbelasting stijgt tot 21%. Het bestaande tarief van 25% blijft behouden. Ingrijpend is bovendien dat de bevrijdende roerende voorheffing bijna helemaal afgeschaft is. We zullen in de toekomst meer vakjes moeten invullen op de belastingaangifte.

Tot nu toe werden de meeste interesten en een deel van de dividenden belast aan 15% (met roerende voorheffing of desgevallend in de personenbelasting). Daar is verandering in gekomen op 1 januari 2012, want het standaardtarief stijgt nu tot 21%.

Er zijn wel drie uitzonderingen: spaarboekjes, liquidatieboni en staatsbons uit de periode van 24.11.2011 tot 2.12.2011 (zgn. Leterme-bons). Voor die financiële producten wijzigt er niets. Ook voor andere roerende inkomsten dan interesten en dividenden en voor dividenden die al onderworpen waren aan een tarief van 25%, verandert er niets.

21% voor meeste interesten en alle laagbelaste dividenden

Getroffen worden dus in de eerste plaats:
- de meeste interesten (bv. kasbons, termijnrekeningen, obligaties, oudere
   en toekomstige staatsbons, niet-vrijgestelde verzekeringsproducten)
- dividenden m.b.t. VVPR-aandelen
- dividenden van erkende distributiebeleggingsvennootschappen (bv. bevek,
   sicav)
- inkoopboni (verkrijging eigen aandelen door vennootschap).

Voor die inkomsten stijgt het tarief van doorgaans 15 naar 21%. Inkoopboni worden bijzonder hard getroffen, want daarvoor stijgt het tarief van 10 naar 21%. Daarmee komt ook een einde aan de gelijke behandeling van inkoopboni en liquidatieboni.

Voor de goede orde geven we hieronder nog een overzicht van de courantste roerende inkomsten volgens het toepasselijke tarief.

Vrijstelling spaarboekje en andere vrijstellingen blijven behouden

Vrijstelling:
- interest op spaarboekjes (eerste schijf van 1.830 euro)
- inkomsten van een tak 21 en tak 23
- dividenden van erkende coöperatieve vennootschappen (eerste schijf van
   180 euro)
- dividenden en interesten van erkende vennootschappen met een sociaal
   oogmerk (eerste schijf van 180 euro)
- inkoop- en liquidatieboni van fiscaal begunstigde
   beleggingsvennootschappen.

Nog niet helemaal duidelijk is wat er gebeurt met inkomsten die op basis van een specifieke bepaling vrijgesteld zijn van roerende voorheffing (en niet in de PB) (bv. inkoopboni via centrale beursmarkt, dividenden van woning-vastgoedbevak of privak, lijfrente van particulier, inkomsten van bepaalde pensioenspaarrekeningen). Blijkbaar is het de bedoeling dat ook daar niets zou veranderen, m.a.w. de vrijstelling blijft volledig behouden.

Tarief van 10%:
- liquidatieboni

Andere roerende inkomsten dan interesten en dividenden niet getroffen

Tarief van 15%:
- interestgedeelte boven 1830 euro op spaarboekjes
- Leterme-staatsbons (en gelijkaardige buitenlandse staatsbons)
- royalty's
- auteursrechten
- verhuring, verpachting en concessie van roerende goederen
- niet-vrijgestelde lijfrenten
- diverse inkomsten van roerende aard (bv. onderverhuring van onroerende
   goederen, loten van effecten van leningen)

Tarief van 21%:
- “gewone” interesten
- dividenden m.b.t. VVPR-aandelen
- dividenden van erkende distributiebeleggingsvennootschappen
- inkoopboni.

Boven een bepaald bedrag wordt het tarief van 21% eigenlijk 25%, door toepassing van een bijkomende heffing van 4% (zie ons artikel “Bijkomende heffing op roerende inkomsten”).

Tarief van 25%:
- “gewone” dividenden
- uitkeringen en voordelen m.b.t. aandelen die fiscaal als dividend
   beschouwd worden
- interest die op basis van een fiscale fictie beschouwd wordt als dividend
   (herkwalificatie van een deel van de interest op een “geldlening” die een
   bedrijfsleider of aandeelhouder verstrekt aan zijn vennootschap)
- interest die ook in het verleden al aan 25% belast werd (toekenning door
  beleggingsfonds als de inkomsten niet geventileerd zijn).

Zoals in de titel meegedeeld, zullen de meeste van voormelde inkomsten in de toekomst elk jaar op het aangifteformulier personenbelasting (de 'belastingbrief') moeten vermeld worden, wat geregeld een huzarenstukje zal zijn, maar daarover meer in een volgende bijdrage.

(Bron: Wet van 28 december 2011 houdende diverse bepalingen, Staatsblad van 30 december 2011)



02-12-19 Fiscus scoort overwinning in discussie over visitaties
De vraag hoe ver de fiscus mag gaan bij een controle ter plaatse, leidt al jaren tot verhitte debatten. De laatste jaren spitst de discussie zich meer en meer toe op digitale gegevens. Mag de fiscus zomaar alle data op de computer van de belastingplichtige bekijken? Of zelfs kopiëren? Het Hof van Beroep te Brussel heeft daar blijkbaar weinig moeite mee. En opmerkelijk genoeg gebeurt dat in een zaak waarin de rechtbank van eerste aanleg de fiscus nog teruggefloten had.....lire la suite
 
25-11-19 Forfaitaire voordelen van alle aard: en de werkelijkheid?
Dat er een wettelijk forfait bestaat om een voordeel in natura te waarderen, wil nog niet zeggen dat dit forfait dwingend van toepassing is. Als een belastingplichtige in ruil voor het voordeel een vergoeding betaalt die overeenstemt met de werkelijke waarde van het voordeel, dan is er geen sprake meer van een belastbaar voordeel, en blijft er dus ook niets meer over om te belasten. Ook al ligt de vergoeding lager dan het wettelijke forfait. Zo oordeelt het Hof van Beroep te Antwerpen. Als die conclusie veralgemeend zou kunnen worden, opent dit arrest veel mogelijkheden…....lire la suite
 
25-11-19 Vereffende vennootschap: fiscus kan nieuwe aanslag vestigen op naam van vereffenaar
Als de fiscus een aanslag vestigt op naam van een vereffende vennootschap, is die aanslag eigenlijk ongeldig. Tot nu toe had de fiscus weinig mogelijkheden om dat recht te zetten. Maar de wet is nu aangepast om de fiscus de kans te bieden alsnog een geldige aanslag te vestigen.....lire la suite
 
12-11-19 Valse hybrides: eindelijk duidelijkheid (min of meer)
Zogenaamde “valse” hybride auto’s worden vanaf volgend jaar fiscaal behandeld als een overeenstemmend model zonder hybride technologie. Bijna twee jaar na de aankondiging van de maatregel weten we nu wat een “overeenstemmend” model is. Althans in theorie. In de praktijk zal het wachten zijn op de lijst die de fiscus binnenkort publiceert.....lire la suite
 
site web par webalive