nlfren
PRINT
SITEMAP | DISCLAIMER
About Us   Practice Areas   Lawyers   Co-ordinates   News   Jobs   General conditions  
  VAT news - VAT invoicing and long term hire
 
Vennootschapsbijdrage blijft aftrekbaar, zegt minister
 
De “jaarlijkse bijdrage ten laste van de vennootschappen bestemd voor het sociaal statuut der zelfstandigen” is een aftrekbare beroepskost. De minister bevestigt dat nu officieel. De recente rechtspraak van het Grondwettelijk Hof verandert daar niets aan.

Vennootschappen moeten ieder jaar de zogenaamde vennootschapsbijdrage betalen. Dat is al zo sinds de wet van 30 december 1992 (houdende sociale en diverse bepalingen). Voor 2011 moesten kleine vennootschappen 347,50 euro bijdragen en grote 852,50 euro. Groot is een onderneming met een balanstotaal van meer dan 604.112,25 euro.

De aftrekbaarheid als beroepskost van die bijdrage heeft lange tijd niet ter discussie gestaan. In de wet zelf staat immers dat de bijdrage, wat de inkomstenbelastingen aangaat, beschouwd moet worden als een sociale bijdrage (art. 100 Wet van 30 december 1992: de bijdrage is “van dezelfde aard als de bijdragen die verschuldigd zijn ter uitvoering van de sociale wetgeving”). En de memorie van toelichting voegt daar voor alle duidelijkheid nog aan toe dat daarmee de fiscale aftrekbaarheid bevestigd wordt (Parl. St., Senaat, BZ 1991-1992, doc. nr. 315/1, p. 28).

Nu zegt ook de minister van Financiën formeel dat de vennootschapsbijdrage aftrekbaar is.

Bijdrage is belasting, geen sociale bijdrage

Tot voor kort leek dat wellicht een evidentie. Maar de bevestiging door de minister was toch welkom omdat er onlangs twijfel gerezen was door twee arresten van het Grondwettelijk Hof (GwH 16 december 2010, 142/2010 en 16 juni 2011, 103/2011). Daarin oordeelde het Hof dat de vennootschapsbijdrage geen socialezekerheidsbijdrage is maar een belasting. Die arresten hadden op zich niets te maken met de aftrekbaarheid van de bijdrage. Maar indirect was het niet uit te sluiten dat de uitspraken van het Hof fiscale consequenties zouden hebben. Sociale bijdragen zijn immers in de regel aftrekbaar (zie artikel 52 WIB 1992), maar belastingen zijn in de regel juist niet aftrekbaar (zie artikel 53 en 198 WIB 1992). In die zin maakt het dus wel een verschil of de vennootschapsbijdrage een belasting is of een sociale bijdrage.

Maar de minister stelt gerust. Hij zegt dat er niets verandert aan de bestaande bepalingen en dat de vennootschapsbijdrage een aftrekbare beroepskost blijft voor vennootschappen.

Legaliteitsbeginsel

Voor de volledigheid zeggen we er nog bij dat het Grondwettelijk Hof in de twee genoemde arresten moest antwoorden op de vraag of bepaalde aspecten van de vennootschapsbijdrage wel geregeld mochten worden bij koninklijk besluit. Dat is met name gebeurd door het koninklijk besluit van 15 maart 1993, dat ondermeer preciseerde dat de vrijstelling voor startende ondernemingen van toepassing is op personenvennootschappen. En om op die vraag te kunnen antwoorden, moest het Hof eerst nagaan of de vennootschapsbijdrage wel echt een sociale bijdrage is en geen vermomde belasting. Voor belastingen geldt immers de grondwettelijke regel dat ze alleen bij wet ingevoerd mogen worden (artikel 170 Grondwet, het zogenaamde legaliteitsbeginsel). Dus mogen essentiële aspecten van een belasting zeker niet geregeld worden bij koninklijk besluit. Voor een pure sociale bijdrage geldt die beperking echter niet.

Het antwoord van het Hof was duidelijk: de vennootschapsbijdrage is geen socialezekerheidsbijdrage maar een belasting. Er is geen echte band met de sociale zekerheid omdat betaling van de bijdrage geen extra sociale rechten oplevert. Het legaliteitsbeginsel voor belastingen is dus van toepassing. Daarmee wordt de vennootschapsbijdrage zelf niet aangevochten, maar bepaalde aspecten zoals de vrijstelling voor personenvennootschappen hadden beter in de wet zelf gestaan in plaats van in een koninklijk besluit.

Bron: parlementaire vraag nr. 465 van Kamerlid J. Arens d.d. 13 juli 2011 (Bull. Vr. & Antw. nr. 53-37, p. 83)


 



04-07-19 Fiscus mag privéwoning betreden, maar krijgt geen vrijbrief van Grondwettelijk Hof
De controles van de fiscus ter plaatse, de zogenaamde fiscale visitaties, blijven controverse oproepen. Concreet rees de vraag of de bestaande procedure die de fiscus moet volgen om toegang te krijgen tot de privéwoning van de belastingplichtige, voldoende waarborgen biedt ter bescherming van fundamentele rechten zoals de privacy. Het Grondwettelijk Hof ziet geen echte problemen maar eist wel betekenisvolle waarborgen.....read more
 
19-06-19 Onroerende verhuur met BTW: fiscus geeft nuttige verduidelijkingen
Sinds 1 januari 2019 is het mogelijk om – optioneel – een gebouw te verhuren mét BTW. Dat betekent dus dat de BTW op de kosten voor dat gebouw aftrekbaar wordt. Er zijn echter allerlei voorwaarden en speciale regimes, wat de nieuwe optieregeling behoorlijk ingewikkeld maakt. De fiscus poogt nu enige klaarheid te scheppen met een “FAQ”, een lijst met antwoorden op vaak gestelde vragen.....read more
 
19-06-19 Afzonderlijke belasting van vergoedingen na stopzetting: geen “normale beroepswerkzaamheid” meer nodig
Inzake afzonderlijke belasting van bepaalde achterstallen, opzeg- en compensatievergoedingen enz. keren we terug naar het gunstige regime van vóór 2013. De enge interpretatie door het Hof van Cassatie van het begrip “normale beroepswerkzaamheid” wordt naar de prullenmand verwezen door dat begrip uit de wet te schrappen. De oude interpretatie van de fiscus wordt in de wet ingeschreven.....read more
 
14-06-19 Effectieve prestaties door managementvennootschap zijn niet vereist
Met de aftrek van vergoedingen die betaald worden aan een managementvennootschap, is er principieel geen enkel probleem, oordeelt het Hof van Cassatie. De fiscus gebruikt vaak het argument dat de vennootschap zelf geen effectieve managementprestaties levert. Dat doen de natuurlijke personen achter de vennootschap. Maar dat argument doet niet ter zake, aldus het Hof van Cassatie. ....read more
 
website by webalive