nlfren
PRINT
SITEMAP | DISCLAIMER
Présentation   Domaines d'activités   Lawyers   Coordonnées   Nouvelles   Jobs   Conditions générales  
  Nouvelles règles TVA en matière de facturation et location de moyens de transport
 
Wet over opheffing bankgeheim gepubliceerd
 
De wet van 14 april 2011 houdende diverse bepalingen is gepubliceerd in het Staatsblad van 6 mei 2011. De wet is vooral belangrijk voor de bepalingen over de opheffing van het bankgeheim en de (weliswaar nog niet definitieve) minnelijke schikking.

Vanaf 1 juli 2011 kan de fiscus gegevens opvragen bij een bank als er “aanwijzingen van belastingontduiking” zijn of als de fiscus een aanslag op basis van tekenen en indiciën wil vestigen. De wet van 14 april 2011 voert de daarvoor noodzakelijke wetswijziging door (zie onze artikels “Bankgeheim dan toch versoepeld” en “Bankgeheim opgeheven met terugwerkende kracht”).

Minnelijke schikking nog altijd niet definitief
 
Daarnaast voert de wet ook de mogelijkheid van een minnelijke schikking in in de sfeer van het fiscaal strafrecht. De belastingplichtige die fraude gepleegd heeft, kan met het openbaar ministerie overeenkomen dat de strafvordering vervalt in ruil voor het betalen van een boete en van de ontdoken belasting. Die maatregel treedt in theorie ook in werking op 1 juli 2011 maar is nog niet als definitief te beschouwen omdat er in de Senaat een apart wetsontwerp ingediend is met enkele aanpassingen (zie ons artikel “Minnelijke schikking gered”). Dat ontwerp is echter nog altijd in behandeling in de Kamer (doc. nr. 53-1344/1).

Dijkman
 
Bij de overige maatregelen is vooral te vermelden dat de Belgische wetgeving in overeenstemming gebracht wordt met het Dijkman-arrest van het Europees Hof van Justitie. Dat arrest geldt in principe ook voor het verleden, maar formeel wordt de wet maar aangepast met ingang van aanslagjaar 2011. Voortaan wordt geen aanvullende gemeentebelasting meer aangerekend op interesten of dividenden uit een ander EER-land die opgenomen worden in de aangifte personenbelasting omdat er geen bevrijdende roerende voorheffing op ingehouden is (zie ons artikel “Gemeentebelasting op buitenlandse roerende inkomsten: zelf actie ondernemen”).

Geregistreerde aannemer
 
Daarnaast is er vanaf 1 januari 2011 geen verplichting meer om te werken met een geregistreerde aannemer als men een belastingvermindering wil krijgen voor de renovatie van een woning in een achtergestelde buurt van een grootstad of voor de renovatie van een sociale huurwoning. Ook om de meerwaarde op een binnen vijf of drie jaar doorverkocht gebouw te kunnen verminderen met de prijs van de werken aan het gebouw, is niet langer vereist dat de werken uitgevoerd zijn door een geregistreerde aannemer. De meerwaarde in kwestie is belastbaar als een divers inkomen (artikel 90, 10° en 101, §2, lid 3, a WIB 1992).

De verplichting om te werken met een geregistreerde aannemer is trouwens geschrapt op aandringen van Europa. Ook de meeste andere maatregelen uit de wet van 14 april 2011 zijn ingegeven door de betrachting om de Belgische wetgeving aan te passen aan de Europese regels. Soms heeft dat echter onverwachte gevolgen.

Niet-inwoners en onderhoudsuitkeringen
 
Zo vond de Europese Commissie het discriminerend dat onderhoudsuitkeringen voor niet-inwoners (dus in de belasting van niet-inwoners) alleen aftrekbaar zijn als ze betaald worden aan inwoners van België. De Belgische regering had aan die kritiek tegemoet kunnen komen door de aftrek ook toe te laten voor alimentatie die aan niet-inwoners betaald wordt. Maar in de plaats daarvan heeft ze ervoor gekozen om de aftrek in geen enkel geval nog toe te laten. Dus ook onderhoudsuitkeringen die aan rijksinwoners betaald worden, zijn vanaf aanslagjaar 2011 niet meer aftrekbaar. Tenzij het gaat om een van de speciale categorieën niet-inwoners (“met tehuis” enz.), want voor hen verandert er niets.

Exitheffing bij zetelverplaatsing
 
Ook op aandringen van Europa zijn er vanaf 1 januari 2011 meer mogelijkheden voor een belastingneutrale zetelverplaatsing naar een ander Europees land. Artikel 214bis WIB 1992 bepaalde al dat het liquidatieregime niet van toepassing is, onder bepaalde voorwaarden (vooral behoud van een Belgische inrichting), als de zetel van een Europese vennootschap of een Europese coöperatieve vennootschap overgeplaatst wordt naar een andere EU-lidstaat. Voortaan geldt de vrijstelling van de zogenaamde exitheffing voor alle types vennootschappen.

Verder vermelden we nog een nieuwe antimisbruikbepaling inzake het aftrekverbod voor niet-marktconforme interesten in artikel 56 WIB 1992 (zie ons artikel “Aftrekbeperking voor overdreven interesten: nu ook voor lening bij verbonden bank”) en enkele aanpassingen inzake DBI-aftrek (zie ons artikel “Financiële vaste activa geen voorwaarde meer voor DBI-aftrek”).



04-07-19 Fiscus mag privéwoning betreden, maar krijgt geen vrijbrief van Grondwettelijk Hof
De controles van de fiscus ter plaatse, de zogenaamde fiscale visitaties, blijven controverse oproepen. Concreet rees de vraag of de bestaande procedure die de fiscus moet volgen om toegang te krijgen tot de privéwoning van de belastingplichtige, voldoende waarborgen biedt ter bescherming van fundamentele rechten zoals de privacy. Het Grondwettelijk Hof ziet geen echte problemen maar eist wel betekenisvolle waarborgen.....lire la suite
 
19-06-19 Onroerende verhuur met BTW: fiscus geeft nuttige verduidelijkingen
Sinds 1 januari 2019 is het mogelijk om – optioneel – een gebouw te verhuren mét BTW. Dat betekent dus dat de BTW op de kosten voor dat gebouw aftrekbaar wordt. Er zijn echter allerlei voorwaarden en speciale regimes, wat de nieuwe optieregeling behoorlijk ingewikkeld maakt. De fiscus poogt nu enige klaarheid te scheppen met een “FAQ”, een lijst met antwoorden op vaak gestelde vragen.....lire la suite
 
19-06-19 Afzonderlijke belasting van vergoedingen na stopzetting: geen “normale beroepswerkzaamheid” meer nodig
Inzake afzonderlijke belasting van bepaalde achterstallen, opzeg- en compensatievergoedingen enz. keren we terug naar het gunstige regime van vóór 2013. De enge interpretatie door het Hof van Cassatie van het begrip “normale beroepswerkzaamheid” wordt naar de prullenmand verwezen door dat begrip uit de wet te schrappen. De oude interpretatie van de fiscus wordt in de wet ingeschreven.....lire la suite
 
14-06-19 Effectieve prestaties door managementvennootschap zijn niet vereist
Met de aftrek van vergoedingen die betaald worden aan een managementvennootschap, is er principieel geen enkel probleem, oordeelt het Hof van Cassatie. De fiscus gebruikt vaak het argument dat de vennootschap zelf geen effectieve managementprestaties levert. Dat doen de natuurlijke personen achter de vennootschap. Maar dat argument doet niet ter zake, aldus het Hof van Cassatie. ....lire la suite
 
site web par webalive