nlfren
PRINT
SITEMAP | DISCLAIMER
About Us   Practice Areas   Lawyers   Co-ordinates   News   Jobs  
Wat hebben woningen in vennootschap te maken met “lusthuizen”?
 
Zowel fiscus als rechtspraak doen vaak moeilijk over de aftrek van kosten voor een woning die in de vennootschap zit en privé gebruikt wordt door de bedrijfsleider. Een poging om een doorbraak te forceren in die discussie via het Grondwettelijk Hof, is nu op niets uitgelopen.

Als een vennootschap gratis een woning ter beschikking stelt van haar bedrijfsleider, kan dat beschouwd worden als een deel van de bezoldiging van die bedrijfsleider. Hij of zij wordt daarvoor dan ook meestal belast op een voordeel van alle aard. Omdat een bezoldiging principieel een aftrekbare beroepskost vormt, zouden de kosten voor die woning (die dus een vorm van bezoldiging is) ook aftrekbaar moeten zijn.

Gratis woning als bezoldiging

Maar voor de rechtspraak is aftrek geen automatisme. De rechtbanken en hoven vinden dat de belastingplichtige eerst moet bewijzen dat de woning deel uitmaakt van de verloningspolitiek van de vennootschap en dat de woning specifiek bedoeld is als een (deel van de) bezoldiging. In de praktijk bleek dat bewijs vaak moeilijk te leveren.

Een belastingplichtige dacht echter een uitweg uit de impasse gevonden te hebben. In het wetboek staat een lijst van kosten die principieel nooit aftrekbaar zijn als beroepskost. Daaronder de kosten met betrekking tot “lusthuizen” (artikel 53, 9° WIB 1992). De wet maakt echter een belangrijke uitzondering. Kosten voor lusthuizen zijn niet aftrekbaar behalve als die kosten “in de belastbare bezoldigingen van de begunstigde personeelsleden zijn begrepen”.

Kosten lusthuis niet aftrekbaar behalve als personeel belast

Vooreerst, en om alle misverstanden uit te sluiten: het woord “lusthuis” roept bij veel mensen bepaalde connotaties op, maar dat is niet de betekenis die het woord heeft in de context van aftrekbare beroepskosten. Hier heeft het begrip betrekking op gebouwen die alleen gebruikt worden voor ontspanning. Het gaat dus bijvoorbeeld om vakantiewoningen of recreatiecentra voor personeel, klanten of zakenrelaties.

Met de woning van de bedrijfsleider heeft dat dus niets te maken. Maar de belastingplichtige in kwestie zag wel een parallel. Voor “lusthuizen” zegt de wet blijkbaar dat de kosten principieel aftrekbaar zijn van zodra het personeel belast wordt op het corresponderende voordeel van alle aard. Voor de woning die hij ter beschikking krijgt, wordt de bedrijfsleider ook belast op een voordeel van alle aard. Is het dan niet logisch dat ook in dat laatste geval de kosten principieel aftrekbaar zijn? Dus zonder de zware bewijslast die de hoven en rechtbanken opleggen? Want als beide gevallen – “lusthuizen” en woningen – niet gelijk behandeld worden, zou het grondwettelijke gelijkheidsbeginsel en non-discriminatiebeginsel geschonden zijn, vond de belastingplichtige.

Grondwettelijk Hof spreekt zich uit over vermeende ongelijkheid

Die vraag werd voorgelegd aan het Grondwettelijk Hof, en dat heeft nu uitspraak gedaan.

Het Hof bekijkt de zaken wel anders dan de belastingplichtige. De formulering in de wettekst houdt niet in dat kosten voor lusthuizen waar een belasting bij het personeel tegenover staat, automatisch aftrekbaar zijn, oordeelt het Hof. De algemene aftrekvoorwaarden (die in artikel 49 WIB 1992 staan) blijven van toepassing. Dat betekent met name dat de toegekende voordelen beantwoorden aan werkelijke prestaties voor de vennootschap. En dat is dan weer de stelregel waar het Hof van Cassatie op hamert en die de hoven en rechtbanken inspireert om de zware bewijslast op te leggen waar we het hierboven over gehad hebben.

Dus “lusthuizen” en woningen van de bedrijfsleider worden op exact dezelfde manier behandeld, van discriminatie is bijgevolg geen sprake.

Voor het Grondwettelijk Hof is de zaak daarmee gesloten, maar voor de aftrek van de kosten zal de discussie hoogstwaarschijnlijk blijven voortwoeden.

Bron: arrest nr. 78/2019 van het Grondwettelijk Hof van 23 mei 2019,



02-12-19 Fiscus scoort overwinning in discussie over visitaties
De vraag hoe ver de fiscus mag gaan bij een controle ter plaatse, leidt al jaren tot verhitte debatten. De laatste jaren spitst de discussie zich meer en meer toe op digitale gegevens. Mag de fiscus zomaar alle data op de computer van de belastingplichtige bekijken? Of zelfs kopiëren? Het Hof van Beroep te Brussel heeft daar blijkbaar weinig moeite mee. En opmerkelijk genoeg gebeurt dat in een zaak waarin de rechtbank van eerste aanleg de fiscus nog teruggefloten had.....read more
 
25-11-19 Forfaitaire voordelen van alle aard: en de werkelijkheid?
Dat er een wettelijk forfait bestaat om een voordeel in natura te waarderen, wil nog niet zeggen dat dit forfait dwingend van toepassing is. Als een belastingplichtige in ruil voor het voordeel een vergoeding betaalt die overeenstemt met de werkelijke waarde van het voordeel, dan is er geen sprake meer van een belastbaar voordeel, en blijft er dus ook niets meer over om te belasten. Ook al ligt de vergoeding lager dan het wettelijke forfait. Zo oordeelt het Hof van Beroep te Antwerpen. Als die conclusie veralgemeend zou kunnen worden, opent dit arrest veel mogelijkheden…....read more
 
25-11-19 Vereffende vennootschap: fiscus kan nieuwe aanslag vestigen op naam van vereffenaar
Als de fiscus een aanslag vestigt op naam van een vereffende vennootschap, is die aanslag eigenlijk ongeldig. Tot nu toe had de fiscus weinig mogelijkheden om dat recht te zetten. Maar de wet is nu aangepast om de fiscus de kans te bieden alsnog een geldige aanslag te vestigen.....read more
 
12-11-19 Valse hybrides: eindelijk duidelijkheid (min of meer)
Zogenaamde “valse” hybride auto’s worden vanaf volgend jaar fiscaal behandeld als een overeenstemmend model zonder hybride technologie. Bijna twee jaar na de aankondiging van de maatregel weten we nu wat een “overeenstemmend” model is. Althans in theorie. In de praktijk zal het wachten zijn op de lijst die de fiscus binnenkort publiceert.....read more
 
website by webalive