nlfren
PRINT
SITEMAP | DISCLAIMER
Voorstelling   Vakgebieden   Lawyers   Coördinaten   Nieuws   Links   Algemene voorwaarden  
Aangifte personenbelasting wordt weer iets langer
 
Naar aloude gewoonte wordt de aangifte in de personenbelasting ook dit jaar weer wat complexer. Netto komen er 38 nieuwe codes bij voor aanslagjaar 2016. Dat heeft deels te maken met de regionalisering van de woonfiscaliteit en het feit dat elk gewest nu eigen accenten legt, waardoor er soms ruimte vrijgemaakt moet worden voor drie verschillende stelsels. Gelukkig geeft de fiscus duidelijk aan welke code van toepassing is voor welk gewest. De uitbreiding van het aantal codes heeft daarnaast ook te maken met de introductie van enkele nieuwe gunstregimes en belastingvoordelen. De aangifte moet ingediend worden tegen 30 juni, 13 juli of 27 oktober 2016, al naargelang men op papier indient, elektronisch of via een mandataris.

Nieuwe belastingvoordelen

Het goede nieuws is dat de toename van het aantal codes ook te maken heeft met een reeks nieuwe belastingvoordelen. Zo is er nu een belastingvermindering voor particulieren die aandelen kopen van startende kleine ondernemingen (zie ons artikel “Fiscale steun voor startende ondernemingen”). De bedragen die in aanmerking komen voor het fiscale voordeel, moet men vermelden naast code 1318-40 (belastingvermindering van 30%) of code 1320-38 (vermindering van 45% voor participaties in microvennootschappen) in Vak X, J.

De starter moet overigens vóór 1 juni aan de investeerder een attest uitreiken waarop het juiste bedrag staat en waarin wordt bevestigd dat voldaan is aan alle voorwaarden voor de belastingvermindering. De investeerder hoeft dat attest niet per se bij zijn aangifte te voegen maar moet het wel kunnen tonen aan de fiscus.

Steun aan startende ondernemingen wordt daarnaast ook fiscaal aangemoedigd door een vrijstelling voor interesten op een lening. Wie geld ter beschikking stelt aan starters (via een crowdfundingplatform), hoeft geen belastingen te betalen op de interest die de starters hem uitbetalen op de eerste leningschijf van 15.000 euro. Op de aangifte moet het aantal leningen vermeld worden (code 1088-76 in Vak XIV, D).

Het afgelopen jaar zijn er ook heel wat maatregelen genomen ten gunste van de horeca (zie ons artikel “Nieuwe steun voor horeca omvat zelfs volledige belastingvrijstelling”). Op de aangifte vertaalt zich dat in een nieuwe code voor de belastingvermindering voor overuren. Er is een nieuwe categorie voor overuren met “begrenzing tot 360 uren” (code 1317-41 in Vak IV, G). Het aantal overuren dat recht geeft op een belastingvermindering is namelijk opgetrokken van 180 tot 360 uur speciaal voor de horecasector.

Een andere gunstmaatregel is ook buiten de horeca van toepassing. Het belastingkrediet voor lage lonen (de zogenaamde fiscale werkbonus) is verhoogd van 14,4 tot 17,81%. Op zich zou dat geen gevolgen hebben voor de aangifte, ware het niet dat de verhoging – onpraktisch genoeg – in werking getreden is op 1 augustus 2015, dus in de loop van een inkomstenjaar. Daarom zijn er twee afzonderlijke codes nodig: één voor de werkbonus van vóór die datum en een voor de werkbonus in de rest van het jaar (codes 1284-74 en 1291-67 in Vak IV, K). Netto veroorzaakt dat overigens geen aangroei van het aantal codes, want ook vorig jaar waren er al twee codes nodig omdat we ook toen al zaten met een verhoging in het midden van het inkomstenjaar in plaats van netjes op 1 januari.

Pensioensparen

Voorts valt er een tariefverlaging te noteren. De belasting op uitkeringen van pensioensparen daalt van 10% naar 8%. Geen bijkomende code op de aangifte dus, gewoon een aanpassing van het percentage. Normaal gezien wordt die belasting apart ingehouden, via een zogenaamde anticipatieve heffing op de leeftijd van 60 jaar (“taks op het langetermijnsparen”). Maar als dat om een of andere reden niet gebeurt (bv. overlijden vóór 60 jaar), moet de heffing geïnd worden onder de vorm van personenbelasting en daarom is er traditioneel plaats voor ingeruimd op de aangifte (code 1222-39 in Vak V, A).

De keerzijde van de tariefverlaging is dat de heffing voor een deel vervroegd geïnd wordt (zie ons artikel “Fiscaliteit pensioensparen aangepast: lager tarief maar vervroegde inning”). In de jaren 2015 tot 2019 wordt telkens 1% afgehouden. Die bedragen worden wel afgetrokken van de 8% die men (ten laatste) op de leeftijd van 60 jaar moet betalen. Om dat te kunnen doen, moeten de vervroegde afhoudingen vermeld worden in de aangifte. Zij worden behandeld als een bedrijfsvoorheffing en later verrekend met de uiteindelijke heffing. Daarvoor is een nieuwe code nodig: 1425-30 in Vak V, B.

Scherper toezicht

Er zijn het afgelopen jaar niet alleen nieuwe fiscale voordelen geïntroduceerd, bepaalde regimes zijn ook aangescherpt, en de fiscus vraagt steeds meer informatie om toe te kunnen zien op de juiste toepassing van de belastingwet.

Zo is de kaaimantaks – de doorkijkbelasting voor buitenlandse juridische constructies (zie ons artikel “Met Kaaimantaks kijkt fiscus door buitenlandse constructies heen”) – met terugwerkende kracht aangescherpt en uitgebreid. Dat heeft tot gevolg dat er nu heel wat meer inlichtingen gevraagd worden op de aangifte, zoals de rechtsvorm en het adres van de constructie, en (voor trusts) de naam en het adres van de beheerder (Vak XIV, C).

Woonleningen

Ten slotte zijn er de wijzigingen die het gevolg zijn van de regionalisering van de fiscaliteit van de eigen woning (de woning waarin men zelf woont). Omdat elk gewest eigen regels begint uit te werken of bepaalde gunstregimes afschaft, zijn er hier en daar voetnoten toegevoegd om eraan te herinneren dat de maatregel in kwestie slechts in één of twee van de drie gewesten van toepassing is. Voor alle duidelijkheid heeft de administratie dat ook gedaan voor reeds lang bestaande gewestelijke regimes, zoals het Vlaamse belastingkrediet voor winwinleningen (Vak XI), maar het is vooral opvallend in Vak IX (interesten en kapitaalaflossingen).

Zowel het Vlaams als het Waals Gewest hebben het voordeel van de woonbonus ingeperkt, maar niet voor bestaande leningen (zie ons artikel “Woonbonus ingeperkt vanaf 2015”). Daarom is een nieuwe code nodig voor “leningen gesloten in 2015” (code 3360-35 en 3361-34 in Vak IX, B.1).

De “oude” woningfiscaliteit (van vóór 2005: bouwsparen en langetermijnsparen) kan in bepaalde gevallen ook nog van toepassing zijn op een “nieuwe” lening (2005 of jonger), namelijk als men een “oude” en een “nieuwe” lening combineert voor één woning. Die keuzemogelijkheid is in Vlaanderen echter afgeschaft voor leningen van 2015. Vandaar dat er een code bijkomt op de aangifte én een voetnoot waarin de fiscus eraan herinnert dat de code voor “leningen gesloten in 2015” alleen gebruikt kan worden door inwoners van het Waals Gewest of het Brussels Hoofdstedelijk Gewest (code 3133-68 en 3134-67 in Vak IX, B.2, code 3359-36 in B.3 en code 3350-45 in B.4).

Net het omgekeerde is het geval voor interesten van een lening die geen recht geeft op de woonbonus (bijv. niet-hypothecaire lening). Maar Brussel en Wallonië kennen dat belastingvoordeel voor “gewone” interesten niet meer toe als de lening afgesloten is in 2015, Vlaanderen nog wel. Vandaar dat er een code bijkomt en dat een voetnoot eraan herinnert dat, als het gaat om een lening van 2015, de betreffende rubriek alleen nog relevant is voor het Vlaams Gewest (code 3150-51 en 3151-50 in Vak IX, B.2).

Een laatste nieuwe code is het gevolg van wetgeving van tien jaar geleden. Van bij de invoering van de woonbonus in 2005 was de regel dat de toeslag voor “enige woning” slechts de eerste tien jaar van toepassing is. De eerste “lichting” die gebruik heeft gemaakt van de woonbonus (leningen van 2005), verliest dus vanaf nu die toeslag. Daarom moet er nu op de aangifte geantwoord worden op de vraag of het gaat om een lening die gesloten is vanaf 2006 (code 3372-23 en 3380-15 in Vak IX, B.1 – de gekende vragen naar het statuut van enige woning en het aantal kinderen sluiten daar nu bij aan en staan dus iets lager dan vorig jaar).

Elektronisch indienen van de aangifte is overigens al mogelijk. Tax-on-web is opengesteld sinds eind april.

Aangifte-de-personenbelasting

Dien vanaf nu uw belastingaangifte



08-08-17 Régularisation fiscale: formulaires pour "montants non-scindés" publiés au moniteur belge (M.B. 31/07/2017)
Le 23 mai 2017, le Gouvernement fédéral et le Gouvernement flamand ont conclu un accord de coopération sur les « montants non-scindés » relatifs au capitaux fiscalement prescrit.....lees meer
 
07-08-17 Oldtimer pas vanaf 30 jaar
Samen met de ‘vergroening’ van de verkeersbelasting voor lichte vrachtwagens heeft de Vlaamse regering ook het fiscale statuut van oldtimers aangepast.....lees meer
 
06-08-17 Vier maanden extra voor fiscale bemiddeling
De fiscale bemiddelingsdienst biedt een extra mogelijkheid om een geschil met de fiscus in der minne te regelen.....lees meer
 
01-08-17 Fiscale regularisatie: formulieren voor ‘onsplitsbare bedragen’ in Staatsblad verschenen (BS 31/7/2017)
Op 23 mei 2017 werd zoals wij al eerder meedeelden een samenwerkingsakkoord afgesloten tussen de Federale en de Vlaamse regering omtrent de zogenaamde ‘onsplitsbare bedragen’ m.b.t. verjaard oorsprongskapitaal. ....lees meer
 
website door webalive